BWBR0012110
Geldig vanaf 2007-06-27
Artikel 1
Geweldsinstructie inrichtingen voor verpleging van ter beschikking gestelden
In deze instructie wordt verstaan onder:
a. meerdere: het personeelslid dat of de medewerker die uit hoofde van zijn functie of krachtens beschikking of aanwijzing met de leiding is belast of het bevel geeft over de taakuitvoering;
b. eenheid: een eenheid bij de Landelijke Bijzondere Bijstandsverlening van de Dienst Justitiële Inrichtingen;
c. geweld: elke dwangmatige kracht van meer dan geringe betekenis uitgeoefend op personen of zaken;
d. aanwenden van geweld: het gebruiken van geweld of het dreigen met geweld, waaronder niet wordt begrepen het uit voorzorg ter hand nemen van een vuurwapen;
e. geweldsmiddel: 1°. de semi-automatische uitvoering van de SIG SAUER MCX RATTLER;
2°. de semi-automatische uitvoering van de Heckler en Koch MP5, type A2 en type A3, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
3°. een semi-automatisch pistool van het merk Walther P99Q, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
4°. een korte of lange wapenstok van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
5°. CS-traangasgranaten of traangasverspreidende middelen van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type.
1°. de semi-automatische uitvoering van de SIG SAUER MCX RATTLER;
2°. de semi-automatische uitvoering van de Heckler en Koch MP5, type A2 en type A3, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
3°. een semi-automatisch pistool van het merk Walther P99Q, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
4°. een korte of lange wapenstok van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
5°. CS-traangasgranaten of traangasverspreidende middelen van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type.
f. vrijheidsbeperkende middelen: 1°. handboeien van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
2°. een broekstok;
3°. middelen als bedoeld in de bijlage bij de Regeling toepassing mechanische middelen verpleegden.
1°. handboeien van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
2°. een broekstok;
3°. middelen als bedoeld in de bijlage bij de Regeling toepassing mechanische middelen verpleegden.
g. het gebruik van een vuurwapen: het trekken, het richten, het gericht houden en het daadwerkelijk gebruik van een vuurwapen.
a. meerdere: het personeelslid dat of de medewerker die uit hoofde van zijn functie of krachtens beschikking of aanwijzing met de leiding is belast of het bevel geeft over de taakuitvoering;
b. eenheid: een eenheid bij de Landelijke Bijzondere Bijstandsverlening van de Dienst Justitiële Inrichtingen;
c. geweld: elke dwangmatige kracht van meer dan geringe betekenis uitgeoefend op personen of zaken;
d. aanwenden van geweld: het gebruiken van geweld of het dreigen met geweld, waaronder niet wordt begrepen het uit voorzorg ter hand nemen van een vuurwapen;
e. geweldsmiddel: 1°. de semi-automatische uitvoering van de SIG SAUER MCX RATTLER;
2°. de semi-automatische uitvoering van de Heckler en Koch MP5, type A2 en type A3, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
3°. een semi-automatisch pistool van het merk Walther P99Q, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
4°. een korte of lange wapenstok van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
5°. CS-traangasgranaten of traangasverspreidende middelen van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type.
1°. de semi-automatische uitvoering van de SIG SAUER MCX RATTLER;
2°. de semi-automatische uitvoering van de Heckler en Koch MP5, type A2 en type A3, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
3°. een semi-automatisch pistool van het merk Walther P99Q, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
4°. een korte of lange wapenstok van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
5°. CS-traangasgranaten of traangasverspreidende middelen van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type.
f. vrijheidsbeperkende middelen: 1°. handboeien van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
2°. een broekstok;
3°. middelen als bedoeld in de bijlage bij de Regeling toepassing mechanische middelen verpleegden.
1°. handboeien van een door de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type;
2°. een broekstok;
3°. middelen als bedoeld in de bijlage bij de Regeling toepassing mechanische middelen verpleegden.
g. het gebruik van een vuurwapen: het trekken, het richten, het gericht houden en het daadwerkelijk gebruik van een vuurwapen.