BWBR0011952
Geldig vanaf 2000-12-31
Artikel 5
Regeling Bijzondere Bijstandseenheden
De voorzitter van het College van procureurs-generaal beslist namens de Minister van Justitie op een verzoek tot inzet van een bijzondere bijstandseenheid, afgezien van die situaties:
a. waarin de UIM op basis van de criteria, genoemd in artikel 4, derde lid, de aangewezen eenheid is om te worden ingezet;
b. waarin zich meerdere incidenten op verschillende locaties tegelijkertijd voordoen, waartussen vermoedelijk een verband bestaat;
c. waarin op enige andere wijze een groot nationaal belang in het geding is;
d. waarvoor geen vooraf vastgesteld standaard inzetscenario als bedoeld in artikel 4, vierde lid, voorhanden is.
a. waarin de UIM op basis van de criteria, genoemd in artikel 4, derde lid, de aangewezen eenheid is om te worden ingezet;
b. waarin zich meerdere incidenten op verschillende locaties tegelijkertijd voordoen, waartussen vermoedelijk een verband bestaat;
c. waarin op enige andere wijze een groot nationaal belang in het geding is;
d. waarvoor geen vooraf vastgesteld standaard inzetscenario als bedoeld in artikel 4, vierde lid, voorhanden is.