BWBR0011867
Geldig vanaf 2001-01-01
Artikel 3
Besluit vervuilingswaarde ingenomen water
Indien in het heffingsjaar voorafgaande aan de toepassing van artikel 22 van de Wethet zuurstofverbruik, voor de betrokken bedrijfsruimte of voor het betrokken onderdeel daarvan, is bepaald met behulp van door meting, bemonstering en analyse verkregen gegevens, wordt in afwijking van artikel 2de vervuilingswaarde per m 3ingenomen water bepaald aan de hand van de formule:
C / D x 49,6
waarbij: C = het aantal kilogrammen zuurstofverbruik van de afgevoerde stoffen over de etmalen van het voorafgaande heffingsjaar waarover meting, bemonstering en analyse hebben plaatsgevonden;
D = het aantal m 3ingenomen water over de etmalen van het voorafgaande heffingsjaar waarover meting, bemonstering en analyse hebben plaatsgevonden.
C / D x 49,6
waarbij: C = het aantal kilogrammen zuurstofverbruik van de afgevoerde stoffen over de etmalen van het voorafgaande heffingsjaar waarover meting, bemonstering en analyse hebben plaatsgevonden;
D = het aantal m 3ingenomen water over de etmalen van het voorafgaande heffingsjaar waarover meting, bemonstering en analyse hebben plaatsgevonden.