BWBR0011836
Geldig vanaf 2000-12-01
Artikel 5
Regeling Asbestbeleid Rijksgebouwendienst
1. Op objecten die door de Staat worden gehuurd zijn artikel 4, eerste lid, derde tot en met vijfde lid, en artikel 6, eerste lid, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat maatregelen met betrekking tot gebouwelementen waarvoor de verhuurder verantwoordelijk is niet verder behoeven te strekken dan het beperken van acuut risico van schade aan de gezondheid van personen.
2. De dienst gaat eerst over tot het treffen van de in het eerste lid bedoelde maatregelen nadat de verhuurder in de gelegenheid is gesteld om voor eigen rekening de vereiste maatregelen te treffen en een daartoe door de dienst gestelde redelijke termijn ongebruikt is verstreken.
3. De dienst verricht al het nodige om de kosten van de maatregelen bedoeld in het eerste lid te verhalen op de verhuurder.
4. Ten aanzien van ieder object dat na de datum van inwerkingtreding van deze regeling aan de voorraad van de dienst wordt toegevoegd, bedingt de dienst dat het object asbestschoon aan de dienst wordt verhuurd.
2. De dienst gaat eerst over tot het treffen van de in het eerste lid bedoelde maatregelen nadat de verhuurder in de gelegenheid is gesteld om voor eigen rekening de vereiste maatregelen te treffen en een daartoe door de dienst gestelde redelijke termijn ongebruikt is verstreken.
3. De dienst verricht al het nodige om de kosten van de maatregelen bedoeld in het eerste lid te verhalen op de verhuurder.
4. Ten aanzien van ieder object dat na de datum van inwerkingtreding van deze regeling aan de voorraad van de dienst wordt toegevoegd, bedingt de dienst dat het object asbestschoon aan de dienst wordt verhuurd.