BWBR0011795
Geldig vanaf 2000-12-02
Artikel 10
Subsidieregeling zij-instromers 2000-2001
1. Gelijktijdig met de vaststelling van de aanvraag rijksvergoeding dan wel gelijktijdig met de goedkeuring van de jaarrekening van een school aan het bevoegd gezag waaraan een subsidie op grond van deze regeling is verstrekt, vindt de vaststelling van de over het desbetreffende jaar verstrekte subsidie plaats. De accountant geeft zijn oordeel of de subsidie is besteed in overeenstemming met de bepalingen van deze regeling.
2. Het bevoegd gezag draagt er zorg voor dat in de financiële administratie van de school voor iedere benoemde zij-instromer aanwezig zijn:
a. een afschrift van het aanvraagformulier, bedoeld in artikel 6;
b. een afschrift van de geschiktheidsverklaring;
c. een bewijs van de benoeming of aanstelling als zij-instromer en van de inschaling;
d. een afschrift van de scholings en begeleidingsovereenkomst.
3. De minister kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen indien uit de accountantsverklaring niet blijkt dat de subsidie is besteed in overeenstemming met de bepalingen van deze regeling.
2. Het bevoegd gezag draagt er zorg voor dat in de financiële administratie van de school voor iedere benoemde zij-instromer aanwezig zijn:
a. een afschrift van het aanvraagformulier, bedoeld in artikel 6;
b. een afschrift van de geschiktheidsverklaring;
c. een bewijs van de benoeming of aanstelling als zij-instromer en van de inschaling;
d. een afschrift van de scholings en begeleidingsovereenkomst.
3. De minister kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen indien uit de accountantsverklaring niet blijkt dat de subsidie is besteed in overeenstemming met de bepalingen van deze regeling.