BWBR0011110
Geldig vanaf 2000-01-27
Artikel 8
Regeling urineonderzoek verpleegden
1. In de huisregels van de inrichting wordt vermeld wat de gevolgen kunnen zijn van de weigering aan het urineonderzoek mee te werken. Tevens wordt in de huisregels vermeld wat de gevolgen kunnen zijn van de vaststelling in het urineonderzoek dat er sprake is geweest van het gebruik van gedragsbeïnvloedende middelen dan wel van fraude met het urinemonster van de zijde van de verpleegde.
2. Indien de verpleegde na het verstrijken van de in artikel 3, vierde lid, gestelde termijn van vier uur nog geen urine heeft afgestaan, wordt dit gelijk gesteld met een weigering medewerking te verlenen aan het urineonderzoek.
3. In afwachting van de uitslag van een herhalingsonderzoek dan wel een bevestigingsonderzoek;
a. wordt de tenuitvoerlegging van een disciplinaire straf opgeschort;
b. wordt de effectuering van verlof of proefverlof opgeschort.
2. Indien de verpleegde na het verstrijken van de in artikel 3, vierde lid, gestelde termijn van vier uur nog geen urine heeft afgestaan, wordt dit gelijk gesteld met een weigering medewerking te verlenen aan het urineonderzoek.
3. In afwachting van de uitslag van een herhalingsonderzoek dan wel een bevestigingsonderzoek;
a. wordt de tenuitvoerlegging van een disciplinaire straf opgeschort;
b. wordt de effectuering van verlof of proefverlof opgeschort.