BWBR0010974
Geldig vanaf 2000-02-01
Artikel 5
Besluit technische hulpmiddelen bijzondere opsporingsbevoegdheden
1. De keuringsdienst legt de wijze waarop hij vaststelt of een technisch hulpmiddel of een standaardconfiguratie voldoet aan de vereisten, genoemd in artikel 2onderscheidenlijk artikel 3, vast in een keuringsprotocol, dat voorafgaande goedkeuring behoeft van Onze Minister.
2. De keuringsdienst legt de uitslag van de keuring vast in een keuringsrapport. Op basis van het keuringsrapport kan Onze Minister een verklaring van goedkeuring afgeven.
3. De keuringsdienst houdt een registratie bij van alle goedgekeurde standaardconfiguraties.
4. Voor elk technisch hulpmiddel dat is goedgekeurd heeft de keuringsdienst een verklaring beschikbaar, inhoudende:
a. dat het technische hulpmiddel voldoet aan de vereisten, genoemd in artikel 2 onderscheidenlijk artikel 3, en
b. de duur van de periode gedurende welke het technische hulpmiddel naar redelijke verwachting zal voldoen aan deze vereisten.
5. De verklaring van goedkeuring van het technische hulpmiddel of de standaardconfiguratie vervalt indien:
a. aan een van de componenten waaruit het technische hulpmiddel of de standaardconfiguratie is opgebouwd veranderingen zijn aangebracht, tenzij het technische hulpmiddel of de standaardconfiguratie, ondanks de veranderingen, kennelijk nog steeds voldoet aan de vereisten, genoemd in artikel 2 onderscheidenlijk artikel 3, of
b. de periode, bedoeld in het vierde lid, onderdeel b, is verstreken.
2. De keuringsdienst legt de uitslag van de keuring vast in een keuringsrapport. Op basis van het keuringsrapport kan Onze Minister een verklaring van goedkeuring afgeven.
3. De keuringsdienst houdt een registratie bij van alle goedgekeurde standaardconfiguraties.
4. Voor elk technisch hulpmiddel dat is goedgekeurd heeft de keuringsdienst een verklaring beschikbaar, inhoudende:
a. dat het technische hulpmiddel voldoet aan de vereisten, genoemd in artikel 2 onderscheidenlijk artikel 3, en
b. de duur van de periode gedurende welke het technische hulpmiddel naar redelijke verwachting zal voldoen aan deze vereisten.
5. De verklaring van goedkeuring van het technische hulpmiddel of de standaardconfiguratie vervalt indien:
a. aan een van de componenten waaruit het technische hulpmiddel of de standaardconfiguratie is opgebouwd veranderingen zijn aangebracht, tenzij het technische hulpmiddel of de standaardconfiguratie, ondanks de veranderingen, kennelijk nog steeds voldoet aan de vereisten, genoemd in artikel 2 onderscheidenlijk artikel 3, of
b. de periode, bedoeld in het vierde lid, onderdeel b, is verstreken.