BWBR0010596
Geldig vanaf 1999-08-04
Artikel II
Wet intrekking Wet stimulering zeescheepvaart
Het bepaalde bij en krachtens de Wet stimulering zeescheepvaart blijft van toepassing met betrekking tot:
a. de rechten en verplichtingen die samenhangen met structuurverklaringen en correctieverklaringen, welke voor de intrekking van de Wet stimulering zeescheepvaart zijn afgegeven op grond van die wet;
b. de aanvragen tot afgifte van een structuurverklaring welke voor de intrekking van de Wet stimulering zeescheepvaart zijn ingediend op grond van die wet, alsmede met betrekking tot de rechten en verplichtingen die samenhangen met de eventuele op grond van deze aanvragen af te geven structuurverklaringen;
c. de afgifte van correctieverklaringen, af te geven naar aanleiding van structuurverklaringen als bedoeld in de onderdelen a en b, en de met deze correctieverklaringen samenhangende verplichtingen;
d. de instelling van beroep tegen een besluit op grond van de Wet stimulering zeescheepvaart.
a. de rechten en verplichtingen die samenhangen met structuurverklaringen en correctieverklaringen, welke voor de intrekking van de Wet stimulering zeescheepvaart zijn afgegeven op grond van die wet;
b. de aanvragen tot afgifte van een structuurverklaring welke voor de intrekking van de Wet stimulering zeescheepvaart zijn ingediend op grond van die wet, alsmede met betrekking tot de rechten en verplichtingen die samenhangen met de eventuele op grond van deze aanvragen af te geven structuurverklaringen;
c. de afgifte van correctieverklaringen, af te geven naar aanleiding van structuurverklaringen als bedoeld in de onderdelen a en b, en de met deze correctieverklaringen samenhangende verplichtingen;
d. de instelling van beroep tegen een besluit op grond van de Wet stimulering zeescheepvaart.