BWBR0010586
Geldig vanaf 1999-11-29
Artikel 14
Warenwetbesluit drukapparatuur
1. Van voorgenomen wijzigingen in drukapparatuur of samenstellen of het type hiervan waarvoor een verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek is afgegeven of van voorgenomen wijzigingen in een kwaliteitssysteem waarvoor een goedkeuring is verleend overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, wordt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling die in het bezit is van de technische documentatie van de drukapparatuur of samenstellen, onverwijld in kennis gesteld.
2. De keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, beoordeelt de wijzigingen en deelt schriftelijk mee of de verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek onderscheidenlijk het goedgekeurde kwaliteitssysteem voor de te wijzigen drukapparatuur of samenstellen of het te wijzigen type hiervan geldig is of aanvullingen behoeft dan wel dat het kwaliteitssysteem opnieuw moet worden beoordeeld.
3. Indien de keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage I bij de richtlijn opgenomen essentiële veiligheidseisen, wordt de gewijzigde drukapparatuur of samenstellen of het gewijzigde type hiervan aan een aanvullend EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek, onderscheidenlijk wordt het kwaliteitssysteem aan een aanvullende beoordeling, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderworpen. Bij goedkeuring van het EG-typeonderzoek of het EG-ontwerponderzoek wordt een aanvulling op de oorspronkelijke verklaring afgegeven. Een aanvullende beoordeling van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt vastgelegd in een rapport. Bij goedkeuring van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt een aanvulling op de oorspronkelijke goedkeuring afgegeven. De kosten van het aanvullend EG-type-onderzoek, het aanvullend EG-ontwerponderzoek en de aanvullende beoordeling zijn voor rekening van de fabrikant.
4. Dit artikel is, met inachtneming van artikel 12a, tweede lid, van overeenkomstige toepassing op druksystemen.
2. De keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, beoordeelt de wijzigingen en deelt schriftelijk mee of de verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek onderscheidenlijk het goedgekeurde kwaliteitssysteem voor de te wijzigen drukapparatuur of samenstellen of het te wijzigen type hiervan geldig is of aanvullingen behoeft dan wel dat het kwaliteitssysteem opnieuw moet worden beoordeeld.
3. Indien de keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage I bij de richtlijn opgenomen essentiële veiligheidseisen, wordt de gewijzigde drukapparatuur of samenstellen of het gewijzigde type hiervan aan een aanvullend EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek, onderscheidenlijk wordt het kwaliteitssysteem aan een aanvullende beoordeling, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderworpen. Bij goedkeuring van het EG-typeonderzoek of het EG-ontwerponderzoek wordt een aanvulling op de oorspronkelijke verklaring afgegeven. Een aanvullende beoordeling van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt vastgelegd in een rapport. Bij goedkeuring van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt een aanvulling op de oorspronkelijke goedkeuring afgegeven. De kosten van het aanvullend EG-type-onderzoek, het aanvullend EG-ontwerponderzoek en de aanvullende beoordeling zijn voor rekening van de fabrikant.
4. Dit artikel is, met inachtneming van artikel 12a, tweede lid, van overeenkomstige toepassing op druksystemen.