BWBR0010585
Geldig vanaf 1999-12-01
Artikel 3
Tijdelijk besluit verplichte verzekering bij medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen
1. De bedragen, waarvoor de verzekering ten minste moet zijn gesloten, zijn f 1 000 000,– per proefpersoon en f 15 000 000,– per wetenschappelijk onderzoek. Indien evenwel degene die het wetenschappelijk onderzoek verricht meerdere wetenschappelijke onderzoeken verricht of heeft verricht, is het bedrag waarvoor de verzekering ten minste moet zijn gesloten f 20 000 000,– voor de schade die zich per verzekeringsjaar door wetenschappelijk onderzoek heeft geopenbaard. Bij beëindiging van een verzekeringsovereenkomst is het bedrag waarvoor de verzekering ten minste nog dekking dient te bieden f 20 000 000,– voor de schade die zich in de in artikel 5, eerste lid, bedoelde termijn van vijf jaar openbaart.
2. Indien er meer dan één benadeelde is en het totaalbedrag van de verschuldigde schadeloosstellingen een verzekerde som overschrijdt, worden de rechten van de benadeelden tegen de verzekeraar naar evenredigheid teruggebracht tot het beloop van die som. Niettemin blijft de verzekeraar die, onbekend met het bestaan van vorderingen van andere benadeelden, te goeder trouw aan een benadeelde een groter bedrag dan het aan deze toekomende deel heeft uitgekeerd, jegens die anderen slechts gehouden tot het beloop van het overblijvende gedeelte van de verzekerde som.
2. Indien er meer dan één benadeelde is en het totaalbedrag van de verschuldigde schadeloosstellingen een verzekerde som overschrijdt, worden de rechten van de benadeelden tegen de verzekeraar naar evenredigheid teruggebracht tot het beloop van die som. Niettemin blijft de verzekeraar die, onbekend met het bestaan van vorderingen van andere benadeelden, te goeder trouw aan een benadeelde een groter bedrag dan het aan deze toekomende deel heeft uitgekeerd, jegens die anderen slechts gehouden tot het beloop van het overblijvende gedeelte van de verzekerde som.