BWBR0010363
Geldig vanaf 1999-04-15
Artikel 8
Stimuleringsregeling gecombineerd goederenvervoer 1999
1. In afwijking van artikel 4, vierde lid, kunnen transportondernemingen die deel uitmaken van dezelfde groep slechts één gezamenlijke aanvraag indienen, waarbij één van die ondernemingen de aanvraag indient namens de overige ondernemingen. Indien op de aanvraag positief wordt beschikt, wordt de subsidie toegekend aan de onderneming die als indiener van de aanvraag is opgetreden.
2. Een onderneming, niet zijnde een transportonderneming, die deel uitmaakt van een groep, kan, in afwijking van artikel 4, eerste lid, een aanvraag ter verkrijging van subsidie indienen ter zake van de koop of de lease van het in artikel 2, eerste lid, bedoelde materieel dat bestemd is te worden ingezet door een of meer transportondernemingen binnen de groep.
3. In het geval, bedoeld in het vorige lid, zijn, in afwijking van artikel 7, tweede lid, de transportondernemingen verplicht het materieel bedrijfsmatig in gebruik te houden tot 1 januari 2002.
Vóór 1 april 2002 verklaren de subsidie-ontvanger en de transportondernemingen gezamenlijk ‐ door indiening van een per eenheid gespecificeerde verklaring welke is mede-ondertekend door een register-accountant of accountant/administratief consulent ‐ het materieel tot eerstgenoemde datum als verhuurder te hebben afgestaan respectievelijk als afnemer bedrijfsmatig voor het gecombineerd goederenvervoer in gebruik te hebben gehouden.
4. Artikel 7, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
2. Een onderneming, niet zijnde een transportonderneming, die deel uitmaakt van een groep, kan, in afwijking van artikel 4, eerste lid, een aanvraag ter verkrijging van subsidie indienen ter zake van de koop of de lease van het in artikel 2, eerste lid, bedoelde materieel dat bestemd is te worden ingezet door een of meer transportondernemingen binnen de groep.
3. In het geval, bedoeld in het vorige lid, zijn, in afwijking van artikel 7, tweede lid, de transportondernemingen verplicht het materieel bedrijfsmatig in gebruik te houden tot 1 januari 2002.
Vóór 1 april 2002 verklaren de subsidie-ontvanger en de transportondernemingen gezamenlijk ‐ door indiening van een per eenheid gespecificeerde verklaring welke is mede-ondertekend door een register-accountant of accountant/administratief consulent ‐ het materieel tot eerstgenoemde datum als verhuurder te hebben afgestaan respectievelijk als afnemer bedrijfsmatig voor het gecombineerd goederenvervoer in gebruik te hebben gehouden.
4. Artikel 7, derde en vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.