1. De Minister beslist op de aanvraag binnen zes weken na ontvangst.
2. Indien de ontvangen aanvragen betrekking hebben op een totaalbedrag dat aan subsidie toegekend zou kunnen worden dat hoger is dan het subsidieplafond, dan wordt het subsidieplafond naar evenredigheid over deze aanvragen verdeeld.
3. Behalve de in de
Algemene wet bestuursrechtgeregelde gevallen wordt de aanvraag ook afgewezen:
a. indien hij niet binnen de in artikel 4, eerste lid, genoemde periode bij Senter is ingediend;
b. voorzover de aanvraag geen betrekking heeft op de aanschaf van materieel als bedoeld in artikel 2, eerste lid;
c. voor het gedeelte waarmee het in artikel 2, vierde lid, genoemde maximum wordt overschreden;
d. indien gegronde reden bestaat om aan te nemen dat het materieel waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet voor het overgrote deel voor het gecombineerd goederenvervoer gebruikt zal worden.