BWBR0010234
Geldig vanaf 1999-02-12
Artikel 6
Besluit houdende voorschriften van overgangsrechtelijke aard ivm invoering van de regeling overgangsmaatregelen mavo-vbo
1. Indien toepassing wordt gegeven aan artikel VI van de wet, wordt ten behoeve van de vergoeding van de personeelskosten van een school of scholengemeenschap als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, een overgangsbudget en een aanvullende personele vergoeding berekend en vastgesteld.
2. Op de berekening van het overgangsbudget is paragraaf 4en de daarbij behorende bijlage van de Regeling bekostiging, rechtspositie en samenvoeging leerwegondersteunend en praktijkonderwijs (Uitleg OCenW-Regelingen 1998, nr. 24) zoals luidend op 31 juli 2003, van overeenkomstige toepassing. Bij de berekening wordt wat betreft het aantal leerlingen van de school of afdeling voor svo-lom, uitgegaan van het aantal leerlingen dat als werkelijk schoolgaand aan de school of afdeling, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel b, was ingeschreven op 1 oktober van het tweede en het derde schooljaar voorafgaand aan het schooljaar waarin toepassing wordt gegeven aan artikel VI van de wet.
3. De berekening van de aanvullende personele vergoeding geschiedt overeenkomstig artikel 23, tweede tot en met vierde lid, van de in het tweede lid genoemde regeling zoals luidend op 31 juli 2003.
2. Op de berekening van het overgangsbudget is paragraaf 4en de daarbij behorende bijlage van de Regeling bekostiging, rechtspositie en samenvoeging leerwegondersteunend en praktijkonderwijs (Uitleg OCenW-Regelingen 1998, nr. 24) zoals luidend op 31 juli 2003, van overeenkomstige toepassing. Bij de berekening wordt wat betreft het aantal leerlingen van de school of afdeling voor svo-lom, uitgegaan van het aantal leerlingen dat als werkelijk schoolgaand aan de school of afdeling, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel b, was ingeschreven op 1 oktober van het tweede en het derde schooljaar voorafgaand aan het schooljaar waarin toepassing wordt gegeven aan artikel VI van de wet.
3. De berekening van de aanvullende personele vergoeding geschiedt overeenkomstig artikel 23, tweede tot en met vierde lid, van de in het tweede lid genoemde regeling zoals luidend op 31 juli 2003.