BWBR0010113
Geldig vanaf 1998-12-24
Artikel 4
Regeling afkoop geldelijke steun woonwagens en standplaatsen
1. Voor de toepassing van artikel 3wordt voor het tijdvak van de geldigheidsduur van de beschikkingen tot vaststelling van de bedragen aan geldelijke steun met een ingangsdatum voor 1 januari 1998 uitgegaan van de met betrekking tot de desbetreffende woonwagenbeschikking van toepassing zijnde waarden voor:
a. de jaarlijkse stijging van de variabele exploitatiekosten;
b. het rendement over het geïnvesteerd vermogen, en
c. de jaarlijkse stijging van de huurprijs.
2. Voor het tijdvak na het verstrijken van de geldigheidsduur van de in het eerste lid bedoelde beschikkingen wordt uitgegaan van:
a. een jaarlijkse stijging van de variabele exploitatiekosten met 3 procent;
b. de in het eerste lid, aanhef en onder b, bedoelde waarden voor het rendement over het geïnvesteerd vermogen tot de datum van conversie;
c. een rendement over het geïnvesteerd vermogen van 7 procent vanaf de datum van conversie;
d. een jaarlijkse stijging van de huurprijs met 3,8 procent, en
e. voorzover het woonwagens betreft, een BTW-percentage van 17,5 procent.
a. de jaarlijkse stijging van de variabele exploitatiekosten;
b. het rendement over het geïnvesteerd vermogen, en
c. de jaarlijkse stijging van de huurprijs.
2. Voor het tijdvak na het verstrijken van de geldigheidsduur van de in het eerste lid bedoelde beschikkingen wordt uitgegaan van:
a. een jaarlijkse stijging van de variabele exploitatiekosten met 3 procent;
b. de in het eerste lid, aanhef en onder b, bedoelde waarden voor het rendement over het geïnvesteerd vermogen tot de datum van conversie;
c. een rendement over het geïnvesteerd vermogen van 7 procent vanaf de datum van conversie;
d. een jaarlijkse stijging van de huurprijs met 3,8 procent, en
e. voorzover het woonwagens betreft, een BTW-percentage van 17,5 procent.