BWBR0010034
Geldig vanaf 1998-12-15
Artikel 4
Regeling aanwijzing overheidsorganen, bedoeld in artikel 3.4 van de Telecommunicatiewet
De minister wijst de in het frequentieplan aangewezen frequentieruimte, die tot gebruik strekt van de in artikel 2aangewezen overheidsorganen, toe aan:
a. voorzover het betreft frequentieruimte die bestemd is voor de in artikel 2, onder a, genoemde overheidsorganen: de Minister van Defensie;
b. voorzover het betreft frequentieruimte die bestemd is voor de in artikel 2, onder b en d, genoemde overheidsorganen: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Justitie gezamenlijk.
a. voorzover het betreft frequentieruimte die bestemd is voor de in artikel 2, onder a, genoemde overheidsorganen: de Minister van Defensie;
b. voorzover het betreft frequentieruimte die bestemd is voor de in artikel 2, onder b en d, genoemde overheidsorganen: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Justitie gezamenlijk.