BWBR0009937
Geldig vanaf 1998-10-16
Artikel 7
Regeling Pilot Trajectbegeleiders
Het plan van aanpak behelst de navolgende onderwerpen:
a. een schets van de in de regio aanwezige randvoorwaarden, waaronder tenminste de invulling van de regionale meld- en coördinatiefunctie, het beleid van de regio met betrekking tot de opvang van voortijdig schoolverlaters, de omvang van de groep voortijdig schoolverlaters op 1 oktober 1997, de omvang van de groep voortijdig schoolverlaters, bedoeld in artikel 1 van het Tijdelijke besluit regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten over het studiejaar 1997/1998, en de samenwerking tussen de organisaties die zich met bedoelde groep bezighouden,
b. een afschrift van de samenwerkingsovereenkomst tussen de contactgemeente en een of meer instellingen, bedoeld in artikel 1.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, in de regio ten behoeve van deze pilot,
c. een afschrift van de samenwerkingsovereenkomst tussen de contactgemeente en een of meer samenwerkingsverbanden Voortgezet Onderwijs/Voortgezet Speciaal Onderwijs in de regio,
d. de bereidverklaring van de contactgemeente om mee te werken aan een kwalitatief onderzoek naar de opbrengsten van deze pilot,
e. de contactpersoon die in het kader van de regeling door de contactgemeente is benoemd,
f. een indicatie omtrent het aantal en een omschrijving van de wijze waarop gesubsidieerde arbeidsplaatsen in het kader van de Wet inschakeling werkzoekenden zullen worden ingezet,
g. een opgave van de inzet van eigen middelen van de bij de aanwijzing van de contactgemeente betrokken gemeenten in de regio,
h. een beschrijving van de opzet en werkwijze van de pilot, met inbegrip van het aantal te benoemen trajectbegeleiders;
i. een opgave van de plaats waar de trajectbegeleiders hun werkzaamheden verrichten,
j. een overzicht van de samenwerkingsrelaties met de ondersteunende organisaties en de organisaties van het bedrijfsleven in de regio,
k. een beschrijving van de wijze waarop de samenwerkingsrelaties worden ingezet ten behoeve van de voortijdig schoolverlaters, en
l. een beschrijving van de wijze waarop aandacht wordt besteed aan de specifieke problematiek van voortijdig schoolverlaters uit etnische minderheidsgroepen.
a. een schets van de in de regio aanwezige randvoorwaarden, waaronder tenminste de invulling van de regionale meld- en coördinatiefunctie, het beleid van de regio met betrekking tot de opvang van voortijdig schoolverlaters, de omvang van de groep voortijdig schoolverlaters op 1 oktober 1997, de omvang van de groep voortijdig schoolverlaters, bedoeld in artikel 1 van het Tijdelijke besluit regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten over het studiejaar 1997/1998, en de samenwerking tussen de organisaties die zich met bedoelde groep bezighouden,
b. een afschrift van de samenwerkingsovereenkomst tussen de contactgemeente en een of meer instellingen, bedoeld in artikel 1.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, in de regio ten behoeve van deze pilot,
c. een afschrift van de samenwerkingsovereenkomst tussen de contactgemeente en een of meer samenwerkingsverbanden Voortgezet Onderwijs/Voortgezet Speciaal Onderwijs in de regio,
d. de bereidverklaring van de contactgemeente om mee te werken aan een kwalitatief onderzoek naar de opbrengsten van deze pilot,
e. de contactpersoon die in het kader van de regeling door de contactgemeente is benoemd,
f. een indicatie omtrent het aantal en een omschrijving van de wijze waarop gesubsidieerde arbeidsplaatsen in het kader van de Wet inschakeling werkzoekenden zullen worden ingezet,
g. een opgave van de inzet van eigen middelen van de bij de aanwijzing van de contactgemeente betrokken gemeenten in de regio,
h. een beschrijving van de opzet en werkwijze van de pilot, met inbegrip van het aantal te benoemen trajectbegeleiders;
i. een opgave van de plaats waar de trajectbegeleiders hun werkzaamheden verrichten,
j. een overzicht van de samenwerkingsrelaties met de ondersteunende organisaties en de organisaties van het bedrijfsleven in de regio,
k. een beschrijving van de wijze waarop de samenwerkingsrelaties worden ingezet ten behoeve van de voortijdig schoolverlaters, en
l. een beschrijving van de wijze waarop aandacht wordt besteed aan de specifieke problematiek van voortijdig schoolverlaters uit etnische minderheidsgroepen.