BWBR0009900
Geldig vanaf 2014-12-09
Artikel 11
Regeling vliegplannen
1. Een RPL wordt ingediend in de vorm van een lijst die de vereiste vliegplangegevens bevat, gebruik makend van het model in bijlage C1, overeenkomstig de aanwijzigingen gegeven in bijlage C2of in een andere overeengekomen vorm.
2. De lijst wordt ingediend bij het IFPS, welke instantie zorg draagt voor het doorgeven van de toepasselijke vliegplangegevens aan andere betrokken verleners van luchtverkeersdiensten in de desbetreffende vluchtinformatiegebieden.
3. Een RPL wordt tijdig ingediend doch uiterlijk op een zodanig tijdstip dat de geadresseerde ten minste 21 dagen voorafgaand aan de datum van de eerste vlucht van de betrokken reeks vluchten wordt bereikt.
4. De in bijlage C1genoemde vliegplangegevens worden verstrekt. Voor zover de betrokken verlener van luchtverkeersdiensten dit nodig acht, worden vliegplangegevens verstrekt inzake de berekende duur van de vlucht vanaf het opstijgen tot het passeren van de grens tussen bepaalde vluchtinformatiegebieden en de voornaamste uitwijkhaven.
5. Vliegplangegevens die niet van repeterende aard zijn worden door of namens de gezagvoerder ten tijde van het vertrek van het luchtvaartuig verzonden naar het IFPS.
6. De bijlagen C1en C2liggen ter inzage bij de Luchtverkeersleiding Nederland.
2. De lijst wordt ingediend bij het IFPS, welke instantie zorg draagt voor het doorgeven van de toepasselijke vliegplangegevens aan andere betrokken verleners van luchtverkeersdiensten in de desbetreffende vluchtinformatiegebieden.
3. Een RPL wordt tijdig ingediend doch uiterlijk op een zodanig tijdstip dat de geadresseerde ten minste 21 dagen voorafgaand aan de datum van de eerste vlucht van de betrokken reeks vluchten wordt bereikt.
4. De in bijlage C1genoemde vliegplangegevens worden verstrekt. Voor zover de betrokken verlener van luchtverkeersdiensten dit nodig acht, worden vliegplangegevens verstrekt inzake de berekende duur van de vlucht vanaf het opstijgen tot het passeren van de grens tussen bepaalde vluchtinformatiegebieden en de voornaamste uitwijkhaven.
5. Vliegplangegevens die niet van repeterende aard zijn worden door of namens de gezagvoerder ten tijde van het vertrek van het luchtvaartuig verzonden naar het IFPS.
6. De bijlagen C1en C2liggen ter inzage bij de Luchtverkeersleiding Nederland.