BWBR0009879
Geldig vanaf 18-09-1998
Artikel 6
Regeling mandaat, volmacht en machtiging Rijksgebouwendienst 1998
1. De aan de Directeur-Generaal, krachtens de Regeling taken en bevoegdheden VROM 1998, verleende bevoegdheden worden - met inachtneming van artikel 3 en 5 - door middel van mandaat, volmacht of machtiging doorgegeven aan de volgende functionarissen:
a. de afdelingshoofden;
b. de projectverantwoordelijken;
2. De in lid 1 bedoelde bevoegdheden worden doorgegeven met inachtneming van artikel 7.
3. Bij afwezigheid van een functionaris als bedoeld in lid 1, wordt de hem toegekende bevoegdheid uitgeoefend door de functionaris onder wie hij rechtstreeks ressorteert als bedoeld in artikel 4 lid 1.
a. de afdelingshoofden;
b. de projectverantwoordelijken;
2. De in lid 1 bedoelde bevoegdheden worden doorgegeven met inachtneming van artikel 7.
3. Bij afwezigheid van een functionaris als bedoeld in lid 1, wordt de hem toegekende bevoegdheid uitgeoefend door de functionaris onder wie hij rechtstreeks ressorteert als bedoeld in artikel 4 lid 1.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0009879
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl