BWBR0009687
Geldig vanaf 1998-06-18
Artikel 4
Regeling geprivilegieerde post verpleegden
1. Ten aanzien van enveloppen afkomstig van een verpleegde, gericht aan een van de personen of instanties genoemd in artikel 36, eerste lid, van de wet, dient de verpleegde er zorg voor te dragen dat voor het hoofd van de inrichting kenbaar is aan welke persoon in welke hoedanigheid, of aan welke instantie de envelop van de brief is gericht.
2. Indien het hoofd van de inrichting het met het oog op de aanwezigheid van bijgesloten voorwerpen noodzakelijk oordeelt de envelop te openen, dan dient hij dit, voor zover mogelijk, in het bijzijn van de verpleegde te doen.
2. Indien het hoofd van de inrichting het met het oog op de aanwezigheid van bijgesloten voorwerpen noodzakelijk oordeelt de envelop te openen, dan dient hij dit, voor zover mogelijk, in het bijzijn van de verpleegde te doen.