BWBR0009670
Geldig vanaf 2003-01-01
Artikel 3
Besluit subsidies CO2-reductieplan
1. De subsidie bedraagt het gevraagde bedrag, met dien verstande dat de subsidie niet meer bedraagt dan 30 procent van de rechtstreeks aan het CO 2-reductieproject toe te rekenen, door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten.
2. Indien de subsidie-ontvanger een ondernemer is, bedraagt de subsidie niet meer dan 30 procent van de rechtstreeks aan het CO 2-reductieproject toe te rekenen, door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten, voorzover die noodzakelijk zijn voor een vermindering van de uitstoot van een broeikasgas, verminderd met de besparingen en de opbrengst van bijproducten gedurende 5 jaar vanaf de datum van ingebruikneming van de voorzieningen.
3. Het in het tweede lid bedoelde percentage bedraagt 40 indien de subsidie-ontvanger een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen (PbEG L 10).
4. Het in het eerste lid bedoelde percentage bedraagt 40 indien de vermindering van de uitstoot van een broeikasgas wordt bereikt door het gebruik van energie uit hernieuwbare energiebronnen.
5. Indien de subsidie voor een CO 2-reductieproject berekend op grond van het eerste tot en met het vierde lid meer bedraagt dan € 5 000 000 en de subsidiabele kosten van het CO 2-reductieproject meer bedragen dan € 25 000 000 wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen hieraan haar goedkeuring verleent.
6. Indien ter zake van de kosten of een deel daarvan reeds door een ander bestuursorgaan of de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie of een bij ministeriële regeling aangewezen belastingvermindering ten behoeve van het milieu is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidies en belastingverminderingen niet meer bedraagt dan het bedrag ingevolge het eerste tot en met het vierde lid.
2. Indien de subsidie-ontvanger een ondernemer is, bedraagt de subsidie niet meer dan 30 procent van de rechtstreeks aan het CO 2-reductieproject toe te rekenen, door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten, voorzover die noodzakelijk zijn voor een vermindering van de uitstoot van een broeikasgas, verminderd met de besparingen en de opbrengst van bijproducten gedurende 5 jaar vanaf de datum van ingebruikneming van de voorzieningen.
3. Het in het tweede lid bedoelde percentage bedraagt 40 indien de subsidie-ontvanger een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen (PbEG L 10).
4. Het in het eerste lid bedoelde percentage bedraagt 40 indien de vermindering van de uitstoot van een broeikasgas wordt bereikt door het gebruik van energie uit hernieuwbare energiebronnen.
5. Indien de subsidie voor een CO 2-reductieproject berekend op grond van het eerste tot en met het vierde lid meer bedraagt dan € 5 000 000 en de subsidiabele kosten van het CO 2-reductieproject meer bedragen dan € 25 000 000 wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen hieraan haar goedkeuring verleent.
6. Indien ter zake van de kosten of een deel daarvan reeds door een ander bestuursorgaan of de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie of een bij ministeriële regeling aangewezen belastingvermindering ten behoeve van het milieu is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidies en belastingverminderingen niet meer bedraagt dan het bedrag ingevolge het eerste tot en met het vierde lid.