BWBR0009529
Geldig vanaf 1998-04-05
Artikel 4
Regeling natuurbraaksubsidie
De hoogte van de subsidie voor percelen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt € 68,07 per hectare, zijnde een forfaitaire vergoeding voor het gebruikte zaaizaad en het inzaaien van de percelen waarop de aanvraag tot subsidieverlening betrekking heeft.
De hoogte van de subsidie voor percelen, bedoeld in artikel 3, tweede lid, bedraagt € 87,13 per hectare, zijnde een forfaitaire vergoeding voor het maaien van de percelen waarop de aanvraag tot subsidieverlening betrekking heeft.
Indien de percelen, waarvoor in het kader van deze regeling een subsidie wordt aangevraagd een breedte hebben van ten minste 20 meter en ten hoogste 25 meter worden de bedragen bedoeld in het eerste en tweede lid vermeerderd met een bedrag van € 45,38 per hectare.
Indien het zaaizaad en het inzaaien respectievelijk het maaien van de percelen waarop de aanvraag betrekking heeft uit andere hoofde dan deze regeling door een overheidsinstantie worden gesubsidieerd wegens de bijdrage die deze percelen leveren aan de verbetering dan wel de instandhouding van natuurwaarden, wordt de subsidie zodanig vastgesteld, dat het totaal van de verleende subsidies in geen geval meer bedraagt dan de in het eerste en tweede lid genoemde bedragen per hectare en in voorkomend geval vermeerderd met het in het derde lid genoemde bedrag per hectare.
De hoogte van de subsidie voor percelen, bedoeld in artikel 3, tweede lid, bedraagt € 87,13 per hectare, zijnde een forfaitaire vergoeding voor het maaien van de percelen waarop de aanvraag tot subsidieverlening betrekking heeft.
Indien de percelen, waarvoor in het kader van deze regeling een subsidie wordt aangevraagd een breedte hebben van ten minste 20 meter en ten hoogste 25 meter worden de bedragen bedoeld in het eerste en tweede lid vermeerderd met een bedrag van € 45,38 per hectare.
Indien het zaaizaad en het inzaaien respectievelijk het maaien van de percelen waarop de aanvraag betrekking heeft uit andere hoofde dan deze regeling door een overheidsinstantie worden gesubsidieerd wegens de bijdrage die deze percelen leveren aan de verbetering dan wel de instandhouding van natuurwaarden, wordt de subsidie zodanig vastgesteld, dat het totaal van de verleende subsidies in geen geval meer bedraagt dan de in het eerste en tweede lid genoemde bedragen per hectare en in voorkomend geval vermeerderd met het in het derde lid genoemde bedrag per hectare.