BWBR0009518
Geldig vanaf 1998-08-01
Artikel 2
Instellingsregeling commissie evaluatie SAIL
De taak van de commissie is:
a. Te evalueren in welke mate via SAIL ● de verankering van de IO-instituten in het bestel van het wetenschappelijk onderwijs bereikt is;
● Landbouwuniversiteit Wageningen als voortrekker en pleitbezorger van het IO naar andere universiteiten heeft gefunctioneerd;
● problematiek rond het verlenen van graden is opgelost;
● de uitvoering van het programma Asharing scarce resources@ is bevorderd.
● de verankering van de IO-instituten in het bestel van het wetenschappelijk onderwijs bereikt is;
● Landbouwuniversiteit Wageningen als voortrekker en pleitbezorger van het IO naar andere universiteiten heeft gefunctioneerd;
● problematiek rond het verlenen van graden is opgelost;
● de uitvoering van het programma Asharing scarce resources@ is bevorderd.
b. Te adviseren over samenwerkingsvormen tussen IO-instellingen onderling en van IO-instellingen en universiteiten, gezien de veranderde context. Tot die veranderde context worden gerekend: ● de voortschrijdende internationaliseringsactiviteiten van universiteiten
● de intensivering van de universitaire programma's op het gebied van het post-initieel onderwijs
● de voorgenomen decentralisatie van arbeidsvoorwaarden en de daarmee samenhangende werkgeversrol voor de VSNU.
● de voortschrijdende internationaliseringsactiviteiten van universiteiten
● de intensivering van de universitaire programma's op het gebied van het post-initieel onderwijs
● de voorgenomen decentralisatie van arbeidsvoorwaarden en de daarmee samenhangende werkgeversrol voor de VSNU.
a. Te evalueren in welke mate via SAIL ● de verankering van de IO-instituten in het bestel van het wetenschappelijk onderwijs bereikt is;
● Landbouwuniversiteit Wageningen als voortrekker en pleitbezorger van het IO naar andere universiteiten heeft gefunctioneerd;
● problematiek rond het verlenen van graden is opgelost;
● de uitvoering van het programma Asharing scarce resources@ is bevorderd.
● de verankering van de IO-instituten in het bestel van het wetenschappelijk onderwijs bereikt is;
● Landbouwuniversiteit Wageningen als voortrekker en pleitbezorger van het IO naar andere universiteiten heeft gefunctioneerd;
● problematiek rond het verlenen van graden is opgelost;
● de uitvoering van het programma Asharing scarce resources@ is bevorderd.
b. Te adviseren over samenwerkingsvormen tussen IO-instellingen onderling en van IO-instellingen en universiteiten, gezien de veranderde context. Tot die veranderde context worden gerekend: ● de voortschrijdende internationaliseringsactiviteiten van universiteiten
● de intensivering van de universitaire programma's op het gebied van het post-initieel onderwijs
● de voorgenomen decentralisatie van arbeidsvoorwaarden en de daarmee samenhangende werkgeversrol voor de VSNU.
● de voortschrijdende internationaliseringsactiviteiten van universiteiten
● de intensivering van de universitaire programma's op het gebied van het post-initieel onderwijs
● de voorgenomen decentralisatie van arbeidsvoorwaarden en de daarmee samenhangende werkgeversrol voor de VSNU.