BWBR0009508
Geldig vanaf 2022-12-07
Artikel 29
Bankwet 1998
1. De benoeming voor de eerste maal van de leden van de raad van commissarissen, bedoeld in artikel 13, derde lid, geschiedt door de aandeelhouders binnen 8 weken na inwerkingtreding van deze wet. Op dat tijdstip treden de commissarissen, benoemd overeenkomstig artikel 27 van de Bankwet 1948, af.
2. De voor de eerste maal benoemde leden van de raad van commissarissen, bedoeld in artikel 13, derde lid, hebben, in afwijking van artikel 13, derde lid, zitting voor de tijd van één tot vier jaren volgens een door de raad van commissarissen op te stellen rooster.
2. De voor de eerste maal benoemde leden van de raad van commissarissen, bedoeld in artikel 13, derde lid, hebben, in afwijking van artikel 13, derde lid, zitting voor de tijd van één tot vier jaren volgens een door de raad van commissarissen op te stellen rooster.