BWBR0009482
Geldig vanaf 1998-03-29
Artikel 8
Examenreglement voor privé-vliegbewijzen
1. De voorzitter of de plv. voorzitter dan wel namens hen de secretaris, draagt er zorg voor dat de leden van de subcommissie tijdig de examenopgaven voorbereiden.
2. De opgaven worden samengesteld over een zo groot mogelijk gedeelte van de door de exameneisen omvatte leerstof, opdat een zo goed mogelijk beeld verkregen kan worden van de kennis van de kandidaat. De examenopgaven worden in vergadering van de subcommissie vastgesteld.
3. De secretaris is er voor verantwoordelijk dat de examenopgaven, onder geheimhouding en in voldoende aantal, worden vermenigvuldigd en in verzegelde enveloppen worden bewaard om bij aanvang van het examen aan de voorzitter ter hand te worden gesteld.
4. De secretaris maakt in overleg met de voorzitter een chronologisch rooster voor het examen waarin wordt vermeld: het tijdschema per vak, de lokaliteit(en), de tafelindeling in groepen (blokken) en de indeling van de surveillerende leden van de examencommissie.
5. De secretaris richt tijdig tot iedere examenkandidaat een oproep tot deelname aan het examen onder vermelding van plaats, datum, tijdschema (rooster), kandidaatnummer, tafelnummer en mede te nemen bescheiden, benodigdheden dan wel andere materialen.
6. Voor aanvang van een examenvak draagt de secretaris er zorg voor dat de tafels zijn voorzien van tafelnummer, de juiste schrapkaart en gewaarmerkt kladpapier. Daarna kunnen de kandidaten plaats nemen aan de hen toegewezen tafel.
7. Bij aanvang van elk examenvak opent de voorzitter of door hem aangewezen examinatoren de verzegelde enveloppen met de opgaven voor het betreffende examenvak. Daarna reiken de surveillanten de opgaven uit aan de kandidaten.
8. Direct na aanvang controleren de surveillanten de kandidaten, aan de hand van de presentielijst en legitimatie, op aanwezigheid en juiste tafelnummer. Van de niet aanwezige kandidaten (de niet bezette tafels) worden de schrapkaarten ingenomen en bij de secretaris ingeleverd. Deze controleert of de namen op de ingenomen niet ingevulde schrapkaarten overeenstemmen met de volgens de presentielijst afwezige kandidaten en visa versa.
9. De voorzitter bepaalt de termijn waarna geen eventuele laatkomers meer mogen worden toegelaten. Na het verstrijken van deze termijn worden de schrapkaarten van niet aanwezige kandidaten te zamen met een presentielijst en twee exemplaren van de examenopgaven van het betreffende examenvak door de secretaris aan de subcommissie ter hand gesteld.
10. Gedurende het examen zorgt de voorzitter voor regelmatige surveillance. Het is verantwoordelijk voor het handhaven van orde en rust in de examenlokaliteit(en). Kandidaten mogen de examenlokaliteit niet verlaten anders dan met toestemming van de voorzitter, met inachtneming van de door hem gestelde voorwaarden en na inlevering van het kladpapier en de ondertekende schrapkaart.
10A. Tijdens het examen geluidsseinen worden de opgenomen lettergroepen op het verstrekte antwoordformulier genoteerd. Dit formulier wordt onmiddellijk na afloop van het examen ingenomen.
11. Zodra de examentijd voor een vak is verstreken draagt de voorzitter er zorg voor dat de kandidaten het werk beëindigen en worden zowel de schrapkaarten als het kladpapier door de surveillanten ingenomen. De examenopgaven mogen door de kandidaat behouden worden.
12. Na controle of het aantal ingenomen schrapkaarten in een blok overeenstemt met het aantal daadwerkelijke deelnemers, worden ze door de secretaris bij de subcommissie ingeleverd. Deze verwerkt de schrapkaarten zo spoedig mogelijk en rapporteert de voorzitter iedere geconstateerde afwijking ten opzichte van de presentielijst en elke andere onregelmatigheid.
13. De voorzitter stelt, met inachtneming van het gestelde in artikel 2, tiende lid, in overleg plaats, datum en tijdstip vast van een vergadering van de subcommissie ter vaststelling van de resultaten van het schriftelijk examen en het nemen van beslissingen over de uitslag.
14. Het resultaat van het examen wordt aan de kandidaten, door tussenkomst van het secretariaat, uitsluitend schriftelijk en getekend door de voorzitter of diens plaatsvervanger, medegedeeld.
15. Indien de kandidaat heeft voldaan aan alle eisen voor het volledige theoretisch examen, wordt dit hem door het secretariaat eveneens schriftelijk medegedeeld.
2. De opgaven worden samengesteld over een zo groot mogelijk gedeelte van de door de exameneisen omvatte leerstof, opdat een zo goed mogelijk beeld verkregen kan worden van de kennis van de kandidaat. De examenopgaven worden in vergadering van de subcommissie vastgesteld.
3. De secretaris is er voor verantwoordelijk dat de examenopgaven, onder geheimhouding en in voldoende aantal, worden vermenigvuldigd en in verzegelde enveloppen worden bewaard om bij aanvang van het examen aan de voorzitter ter hand te worden gesteld.
4. De secretaris maakt in overleg met de voorzitter een chronologisch rooster voor het examen waarin wordt vermeld: het tijdschema per vak, de lokaliteit(en), de tafelindeling in groepen (blokken) en de indeling van de surveillerende leden van de examencommissie.
5. De secretaris richt tijdig tot iedere examenkandidaat een oproep tot deelname aan het examen onder vermelding van plaats, datum, tijdschema (rooster), kandidaatnummer, tafelnummer en mede te nemen bescheiden, benodigdheden dan wel andere materialen.
6. Voor aanvang van een examenvak draagt de secretaris er zorg voor dat de tafels zijn voorzien van tafelnummer, de juiste schrapkaart en gewaarmerkt kladpapier. Daarna kunnen de kandidaten plaats nemen aan de hen toegewezen tafel.
7. Bij aanvang van elk examenvak opent de voorzitter of door hem aangewezen examinatoren de verzegelde enveloppen met de opgaven voor het betreffende examenvak. Daarna reiken de surveillanten de opgaven uit aan de kandidaten.
8. Direct na aanvang controleren de surveillanten de kandidaten, aan de hand van de presentielijst en legitimatie, op aanwezigheid en juiste tafelnummer. Van de niet aanwezige kandidaten (de niet bezette tafels) worden de schrapkaarten ingenomen en bij de secretaris ingeleverd. Deze controleert of de namen op de ingenomen niet ingevulde schrapkaarten overeenstemmen met de volgens de presentielijst afwezige kandidaten en visa versa.
9. De voorzitter bepaalt de termijn waarna geen eventuele laatkomers meer mogen worden toegelaten. Na het verstrijken van deze termijn worden de schrapkaarten van niet aanwezige kandidaten te zamen met een presentielijst en twee exemplaren van de examenopgaven van het betreffende examenvak door de secretaris aan de subcommissie ter hand gesteld.
10. Gedurende het examen zorgt de voorzitter voor regelmatige surveillance. Het is verantwoordelijk voor het handhaven van orde en rust in de examenlokaliteit(en). Kandidaten mogen de examenlokaliteit niet verlaten anders dan met toestemming van de voorzitter, met inachtneming van de door hem gestelde voorwaarden en na inlevering van het kladpapier en de ondertekende schrapkaart.
10A. Tijdens het examen geluidsseinen worden de opgenomen lettergroepen op het verstrekte antwoordformulier genoteerd. Dit formulier wordt onmiddellijk na afloop van het examen ingenomen.
11. Zodra de examentijd voor een vak is verstreken draagt de voorzitter er zorg voor dat de kandidaten het werk beëindigen en worden zowel de schrapkaarten als het kladpapier door de surveillanten ingenomen. De examenopgaven mogen door de kandidaat behouden worden.
12. Na controle of het aantal ingenomen schrapkaarten in een blok overeenstemt met het aantal daadwerkelijke deelnemers, worden ze door de secretaris bij de subcommissie ingeleverd. Deze verwerkt de schrapkaarten zo spoedig mogelijk en rapporteert de voorzitter iedere geconstateerde afwijking ten opzichte van de presentielijst en elke andere onregelmatigheid.
13. De voorzitter stelt, met inachtneming van het gestelde in artikel 2, tiende lid, in overleg plaats, datum en tijdstip vast van een vergadering van de subcommissie ter vaststelling van de resultaten van het schriftelijk examen en het nemen van beslissingen over de uitslag.
14. Het resultaat van het examen wordt aan de kandidaten, door tussenkomst van het secretariaat, uitsluitend schriftelijk en getekend door de voorzitter of diens plaatsvervanger, medegedeeld.
15. Indien de kandidaat heeft voldaan aan alle eisen voor het volledige theoretisch examen, wordt dit hem door het secretariaat eveneens schriftelijk medegedeeld.