BWBR0009408
Geldig vanaf 2022-01-31
Artikel 29
Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen
1. Degene die het wetenschappelijk onderzoek verricht, kan voor wetenschappelijk onderzoek met medische hulpmiddelen een in Nederland gevestigde contactpersoon aanwijzen als bedoeld in artikel 62, tweede lid, tweede alinea, van Verordening (EU) 2017/745en in artikel 58, vierde lid, tweede alinea, van Verordening (EU) 2017/746. Artikel 62, tweede lid, eerste alinea, van Verordening (EU) 2017/745en artikel 58, vierde lid, eerste alinea, van Verordening (EU) 2017/746zijn in dat geval niet van toepassing.
2. Degene die het wetenschappelijk onderzoek verricht, kan voor wetenschappelijk onderzoek met geneesmiddelen een in Nederland gevestigde contactpersoon aanwijzen als bedoeld in artikel 74, tweede lid, van Verordening (EU) 536/2014. Artikel 74, eerste lid, van de verordening is in dat geval niet van toepassing.
3. Degene die het wetenschappelijk onderzoek verricht, kan voor wetenschappelijk onderzoek met geneesmiddelen een in de Europese Unie gevestigde contactpersoon aanwijzen als bedoeld in artikel 74, derde lid, van Verordening (EU) 536/2014. Artikel 74, eerste lid, van Verordening (EU) 536/2014is in dat geval niet van toepassing.
2. Degene die het wetenschappelijk onderzoek verricht, kan voor wetenschappelijk onderzoek met geneesmiddelen een in Nederland gevestigde contactpersoon aanwijzen als bedoeld in artikel 74, tweede lid, van Verordening (EU) 536/2014. Artikel 74, eerste lid, van de verordening is in dat geval niet van toepassing.
3. Degene die het wetenschappelijk onderzoek verricht, kan voor wetenschappelijk onderzoek met geneesmiddelen een in de Europese Unie gevestigde contactpersoon aanwijzen als bedoeld in artikel 74, derde lid, van Verordening (EU) 536/2014. Artikel 74, eerste lid, van Verordening (EU) 536/2014is in dat geval niet van toepassing.