BWBR0009347
Geldig vanaf 1998-02-13
Artikel 1
Besluit kasbeheer 1998
1. In dit besluit wordt verstaan onder:
a. kasbeheer: de zorg voor: 1. de vorderingen van het Rijk (vorderingenbeheer);
2. de betalingen van het Rijk (betalingenbeheer);
3. het geld en de geldswaardige papieren bij het Rijk (geldelijk beheer).
1. de vorderingen van het Rijk (vorderingenbeheer);
2. de betalingen van het Rijk (betalingenbeheer);
3. het geld en de geldswaardige papieren bij het Rijk (geldelijk beheer).
b. centrale kassen: de door Onze Minister van Financiën centraal beheerde tegoeden op door hem aangewezen rekeningen bij in Nederland gevestigde bankinstellingen.
c. kassen: voorraden contante gelden en tegoeden op bankrekeningen van het Rijk.
d. Onze ministers: Onze betrokken ministers, ieder voor zover het hem aangaat;
e. begroting: een van de onderdelen van de begroting van het Rijk, bedoeld in artikel 1 van de Comptabiliteitswet 2001.
2. Tot het kasbeheer worden in elk geval de volgende beheershandelingen gerekend:
a. het bewaren van geld en geldswaardige papieren;
b. het betaalbaar stellen van aangegane financiële verplichtingen;
c. het verrichten van geldelijke betalingen;
d. het invorderbaar stellen van vorderingen;
e. het innen van geldelijke ontvangsten;
f. het opnemen en storten van contant geld;
g. het electronisch opladen en afwaarderen van contantgeldkaarten;
h. het in ontvangst nemen en het afgeven van geldswaardige papieren;
i. het aanwijzen van ordonnateurs, kasbeheerders en van kassiers en het intrekken van zodanige aanwijzingen;
j. het administreren van de beheershandelingen, genoemd onder a tot en met i.
3. Tot geldswaardige papieren worden gerekend:
a. financiële instrumenten als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht;
b. cheques;
c. bankpassen, creditkaarten en contantgeldkaarten;
d. andere door Onze Minister van Financiën aan te wijzen papieren of stukken.
a. kasbeheer: de zorg voor: 1. de vorderingen van het Rijk (vorderingenbeheer);
2. de betalingen van het Rijk (betalingenbeheer);
3. het geld en de geldswaardige papieren bij het Rijk (geldelijk beheer).
1. de vorderingen van het Rijk (vorderingenbeheer);
2. de betalingen van het Rijk (betalingenbeheer);
3. het geld en de geldswaardige papieren bij het Rijk (geldelijk beheer).
b. centrale kassen: de door Onze Minister van Financiën centraal beheerde tegoeden op door hem aangewezen rekeningen bij in Nederland gevestigde bankinstellingen.
c. kassen: voorraden contante gelden en tegoeden op bankrekeningen van het Rijk.
d. Onze ministers: Onze betrokken ministers, ieder voor zover het hem aangaat;
e. begroting: een van de onderdelen van de begroting van het Rijk, bedoeld in artikel 1 van de Comptabiliteitswet 2001.
2. Tot het kasbeheer worden in elk geval de volgende beheershandelingen gerekend:
a. het bewaren van geld en geldswaardige papieren;
b. het betaalbaar stellen van aangegane financiële verplichtingen;
c. het verrichten van geldelijke betalingen;
d. het invorderbaar stellen van vorderingen;
e. het innen van geldelijke ontvangsten;
f. het opnemen en storten van contant geld;
g. het electronisch opladen en afwaarderen van contantgeldkaarten;
h. het in ontvangst nemen en het afgeven van geldswaardige papieren;
i. het aanwijzen van ordonnateurs, kasbeheerders en van kassiers en het intrekken van zodanige aanwijzingen;
j. het administreren van de beheershandelingen, genoemd onder a tot en met i.
3. Tot geldswaardige papieren worden gerekend:
a. financiële instrumenten als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht;
b. cheques;
c. bankpassen, creditkaarten en contantgeldkaarten;
d. andere door Onze Minister van Financiën aan te wijzen papieren of stukken.