BWBR0009299
Geldig vanaf 26-06-2005
Artikel 7
Verordening financiën bedrijfslichamen 1999
1. Activa en passiva worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs.
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid zijn voor voorraden, vorderingen, liquide middelen, schulden en voorzieningen andere waarderingsgrondslagen van toepassing:
a. voorraden worden tegen de marktwaarde gewaardeerd indien de marktwaarde lager is dan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs;
b. vorderingen worden, onder aftrek van eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid, tegen de nominale waarde gewaardeerd;
c. liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde;
d. schulden worden tegen de nominale waarde gewaardeerd;
3. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt bij de waardering van de vaste activa rekening gehouden met een vermindering of vermeerdering van hun waarde, indien deze vermindering respectievelijk vermeerdering naar verwachting duurzaam is.
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid zijn voor voorraden, vorderingen, liquide middelen, schulden en voorzieningen andere waarderingsgrondslagen van toepassing:
a. voorraden worden tegen de marktwaarde gewaardeerd indien de marktwaarde lager is dan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs;
b. vorderingen worden, onder aftrek van eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid, tegen de nominale waarde gewaardeerd;
c. liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde;
d. schulden worden tegen de nominale waarde gewaardeerd;
3. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid wordt bij de waardering van de vaste activa rekening gehouden met een vermindering of vermeerdering van hun waarde, indien deze vermindering respectievelijk vermeerdering naar verwachting duurzaam is.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0009299
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl