BWBR0009275
Geldig vanaf 1997-12-31
Artikel 12
Waarborgwet 1986
1. Onverminderd de stempeling door een waarborginstelling, is elke werkmeester verplicht alle uit zijn werkplaats voortkomende platina, gouden en zilveren werken, met uitzondering van werken, die niet zonder gevaar van beschadiging gestempeld kunnen worden, met de afslag te merken van een eigen, overeenkomstig artikel 13goedgekeurd, stempel, waarvan hij zich te dien einde voorzien moet, en welke de aanvangsletters van zijn naam benevens een bijzonder, door hem gekozen onderscheidingsteken vertonen moet.
2. Dit merk, de verantwoordelijke vervaardiger van het werk aanwijzende, draagt de naam van meesterteken.
3. Geen werkmeester mag een meesterteken aannemen, volkomen gelijk aan dat van een zijner beroepsgenoten.
4. Het bepaalde in het eerste lid geldt niet, indien het meesterteken ingevolge een tussen de werkmeester en de waarborginstelling, aan welke de werken ter onderzoek zullen worden aangeboden, gesloten overeenkomst, door de betrokken waarborginstelling zal worden aangebracht.
2. Dit merk, de verantwoordelijke vervaardiger van het werk aanwijzende, draagt de naam van meesterteken.
3. Geen werkmeester mag een meesterteken aannemen, volkomen gelijk aan dat van een zijner beroepsgenoten.
4. Het bepaalde in het eerste lid geldt niet, indien het meesterteken ingevolge een tussen de werkmeester en de waarborginstelling, aan welke de werken ter onderzoek zullen worden aangeboden, gesloten overeenkomst, door de betrokken waarborginstelling zal worden aangebracht.