BWBR0009064
Geldig vanaf 1997-12-11
Artikel 2
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar dienst Bewaking, Beveiliging en Vervoer Amsterdam 1995
De ambtenaren werkzaam bij de dienst zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar voor zover zij daadwerkelijk zijn belast met
a. de uitvoering van de dienst bij de gerechten, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder ten derde, van de Politiewet 1993;
b. het transport van personen die rechtens van hun vrijheid zijn beroofd;
c. de werkzaamheden, bedoeld in de artikelen 373, 387, eerste lid, 391, 541, tweede lid, 556, eerste lid, en 587, tweede lid van het Wetboek van Strafvordering.
a. de uitvoering van de dienst bij de gerechten, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder ten derde, van de Politiewet 1993;
b. het transport van personen die rechtens van hun vrijheid zijn beroofd;
c. de werkzaamheden, bedoeld in de artikelen 373, 387, eerste lid, 391, 541, tweede lid, 556, eerste lid, en 587, tweede lid van het Wetboek van Strafvordering.