BWBR0009020
Geldig vanaf 1997-11-29
Artikel 8
Kaderregeling subsidiëring BVE Raad
1. De minister stelt per projectopdracht de hoogte van de subsidie, de voorwaarden voor de verstrekking, en de wijze van verantwoorden vast met inachtneming van de in dit artikel bepaalde voorwaarden.
2. De voorwaarden voor de verstrekking hebben betrekking op:
a. het doel dat met de projectopdracht wordt beoogd;
b. de activiteiten die met het oog op dat doel in ieder geval worden uitgevoerd;
c. de doelgroep tot wie het project zich richt;
d. de wijze van verslaglegging van het project;
e. tussenrapportages en tussentijds overleg;
f. tussentijdse aanvullingen c.q. wijzigingen van projecten, en
g. begeleiding van projecten.
3. De subsidie wordt, tezamen met eventuele baten en rentebaten, per projectopdracht verantwoord. Artikel 6, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat uit de jaarrekening blijkt dat de subsidie rechtmatig is besteed en dat uit het projectenverslag blijkt dat de subsidie doelmatig is besteed.
4. De subsidie wordt per projectopdracht verstrekt uitsluitend voor het doel waarvoor zij is bestemd.
5. Subsidie die niet of niet in overeenstemming met de voorwaarden van deze regeling is verantwoord, of niet is besteed, wordt teruggevorderd voor zover zij niet door de minister na overleg met de BVE Raad is herbestemd.
2. De voorwaarden voor de verstrekking hebben betrekking op:
a. het doel dat met de projectopdracht wordt beoogd;
b. de activiteiten die met het oog op dat doel in ieder geval worden uitgevoerd;
c. de doelgroep tot wie het project zich richt;
d. de wijze van verslaglegging van het project;
e. tussenrapportages en tussentijds overleg;
f. tussentijdse aanvullingen c.q. wijzigingen van projecten, en
g. begeleiding van projecten.
3. De subsidie wordt, tezamen met eventuele baten en rentebaten, per projectopdracht verantwoord. Artikel 6, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat uit de jaarrekening blijkt dat de subsidie rechtmatig is besteed en dat uit het projectenverslag blijkt dat de subsidie doelmatig is besteed.
4. De subsidie wordt per projectopdracht verstrekt uitsluitend voor het doel waarvoor zij is bestemd.
5. Subsidie die niet of niet in overeenstemming met de voorwaarden van deze regeling is verantwoord, of niet is besteed, wordt teruggevorderd voor zover zij niet door de minister na overleg met de BVE Raad is herbestemd.