BWBR0009020
Geldig vanaf 1997-11-29
Artikel 6
Kaderregeling subsidiëring BVE Raad
1. Voor de subsidie, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a en onderdeel b, dient de BVE Raad voor 1 juli van het jaar volgend op het jaar waarvoor de subsidie is verstrekt, een jaarrekening in waaruit blijkt dat de subsidie rechtmatig is besteed.
2. De jaarrekening gaat vergezeld van een verklaring van een accountant omtrent de getrouwheid als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De verklaring heeft tevens betrekking op de naleving van de aan de subsidie verbonden voorwaarden.
3. De subsidie, bedoeld in artikel 4, tweede lid, de onderdelen a en b, zoals dat luidt op 31 december 1999, die niet voor 1 januari 2000 is besteed, wordt met ingang van 1 januari 2000 besteed voor het doel waarvoor zij was bestemd. Uit de jaarrekening blijkt dat de subsidie rechtmatig is besteed.
2. De jaarrekening gaat vergezeld van een verklaring van een accountant omtrent de getrouwheid als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De verklaring heeft tevens betrekking op de naleving van de aan de subsidie verbonden voorwaarden.
3. De subsidie, bedoeld in artikel 4, tweede lid, de onderdelen a en b, zoals dat luidt op 31 december 1999, die niet voor 1 januari 2000 is besteed, wordt met ingang van 1 januari 2000 besteed voor het doel waarvoor zij was bestemd. Uit de jaarrekening blijkt dat de subsidie rechtmatig is besteed.