BWBR0008999
Geldig vanaf 2017-02-22
Artikel 11d
Wet havenstaatcontrole
1. Onze Minister kan een besluit nemen tot verwijdering van een schip uit een haven indien bij een inspectie wordt vastgesteld dat het certificaat, bedoeld in bijlage IV, onder 41, van de richtlijn, het conformiteitsdocument, bedoeld in bijlage IV, onder 50, van de richtlijn of het conformiteitsdocument bedoeld in bijlage IV, onder 51, van de richtlijn, niet aan boord is.
2. De havenbeheerder van een haven weigert een schip de toegang tot zijn haven, indien met betrekking tot dit schip in een haven van een lidstaat een besluit is genomen tot verwijdering ervan vanwege het niet aan boord hebben van het certificaat, bedoeld in bijlage IV, onder 41, van de richtlijn, het conformiteitsdocument, bedoeld in bijlage IV, onder 50, van de richtlijn of het conformiteitsdocument bedoeld in bijlage IV, onder 51, van de richtlijn, totdat de exploitant kennis geeft van een dergelijk bewijs.
3. Een besluit tot verwijdering als bedoeld in het eerste lid, voor het niet aan boord hebben van een conformiteitsdocument als bedoeld in bijlage IV, onder 51, van de richtlijn, kan slechts worden genomen indien het conformiteitsdocument niet aan boord is voor minstens de tweede aansluitende verslagperiode, bedoeld in Verordening (EU) 2023/1805.
2. De havenbeheerder van een haven weigert een schip de toegang tot zijn haven, indien met betrekking tot dit schip in een haven van een lidstaat een besluit is genomen tot verwijdering ervan vanwege het niet aan boord hebben van het certificaat, bedoeld in bijlage IV, onder 41, van de richtlijn, het conformiteitsdocument, bedoeld in bijlage IV, onder 50, van de richtlijn of het conformiteitsdocument bedoeld in bijlage IV, onder 51, van de richtlijn, totdat de exploitant kennis geeft van een dergelijk bewijs.
3. Een besluit tot verwijdering als bedoeld in het eerste lid, voor het niet aan boord hebben van een conformiteitsdocument als bedoeld in bijlage IV, onder 51, van de richtlijn, kan slechts worden genomen indien het conformiteitsdocument niet aan boord is voor minstens de tweede aansluitende verslagperiode, bedoeld in Verordening (EU) 2023/1805.