BWBR0008872
Geldig vanaf 1997-09-22
Artikel 5
Regeling vluchtuitvoering ballonnen
1. De ondernemer zorgt dat aan boord van een ballon, die vluchten uitvoert in luchtverkeersdienstverleningsgebieden met een andere klasse dan E of G, een radio-installatie is, geschikt voor het onderhouden van berichtenwisseling met de betrokken luchtverkeersdienst.
2. De ondernemer zorgt dat bij uitvoering van een vlucht als bedoeld in het eerste lid tenminste één bemanningslid in het bezit van een geldige bevoegdverklaring radiotelefonie is.
3. De ondernemer zorgt dat aan boord van een ballon die vluchten uitvoert boven water op een grotere afstand dan vijf kilometer van de wal tenminste één doelmatig werkende zend- en ontvangstinstallatie is.
2. De ondernemer zorgt dat bij uitvoering van een vlucht als bedoeld in het eerste lid tenminste één bemanningslid in het bezit van een geldige bevoegdverklaring radiotelefonie is.
3. De ondernemer zorgt dat aan boord van een ballon die vluchten uitvoert boven water op een grotere afstand dan vijf kilometer van de wal tenminste één doelmatig werkende zend- en ontvangstinstallatie is.