BWBR0008783
Geldig vanaf 1997-07-18
Artikel 16
Subsidieregeling stiller, schoner en zuiniger
1. Zolang de subsidie niet is vastgesteld, kan de programmabeheerder de subsidieverlening intrekken of ten nadele van de subsidie-ontvanger wijzigen, indien:
a. de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaats gevonden;
b. de subsidie-ontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
c. de subsidie-ontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid;
d. de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidie-ontvanger dit wist of behoorde te weten;
e. de subsidie-ontvanger failliet is verklaard.
2. De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de subsidie is verleend.
a. de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaats gevonden;
b. de subsidie-ontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
c. de subsidie-ontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid;
d. de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidie-ontvanger dit wist of behoorde te weten;
e. de subsidie-ontvanger failliet is verklaard.
2. De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de subsidie is verleend.