BWBR0008658
Geldig vanaf 1997-05-01
Artikel VI
Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen
1. De persoon die op de dag voor inwerkingtreding van deze wet recht had op verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van artikel 46a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, behoudt deze verhoging zolang hij daar op grond van dat artikel recht op zou hebben als dat artikel en de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet nog van kracht zouden zijn geweest. De verhoging wordt aangemerkt als uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
2. Indien de persoon, bedoeld in het eerste lid, recht zou hebben op een arbeidsongeschiktheidsuitkering van 70% van de grondslag, bedoeld in de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet, wanneer deze wet nog van kracht zou zijn geweest, wordt bij de berekening van de verhoging, bedoeld in het eerste lid, uitgegaan van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet van 75% van die grondslag.
2. Indien de persoon, bedoeld in het eerste lid, recht zou hebben op een arbeidsongeschiktheidsuitkering van 70% van de grondslag, bedoeld in de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet, wanneer deze wet nog van kracht zou zijn geweest, wordt bij de berekening van de verhoging, bedoeld in het eerste lid, uitgegaan van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet van 75% van die grondslag.