BWBR0008656
Geldig vanaf 2014-06-04
Artikel 26
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen
1. De vakantie-uitkering bedraagt acht procent van het bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering, waarop recht bestond in het tijdvak van twaalf maanden, voorafgaande aan de maand mei.
2. Indien artikel 16a, 21, zevende lid, 58, 59of 59ais toegepast, wordt onder het bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in het eerste lid, verstaan het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, nadat dat artikel toepassing heeft gevonden.
3. Indien het percentage van de vakantiebijslag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/15" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 15, eerste lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, wordt gewijzigd, treedt dit gewijzigde percentage in de plaats van het in het eerste lid genoemde percentage. Het gewijzigde percentage wordt in aanmerking genomen over de uitkering waarop recht bestaat over het tijdvak aanvangende met de dag waarop de wijziging ingaat.
4. De vakantie-uitkering wordt betaald zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld.
2. Indien artikel 16a, 21, zevende lid, 58, 59of 59ais toegepast, wordt onder het bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in het eerste lid, verstaan het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, nadat dat artikel toepassing heeft gevonden.
3. Indien het percentage van de vakantiebijslag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/15" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 15, eerste lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, wordt gewijzigd, treedt dit gewijzigde percentage in de plaats van het in het eerste lid genoemde percentage. Het gewijzigde percentage wordt in aanmerking genomen over de uitkering waarop recht bestaat over het tijdvak aanvangende met de dag waarop de wijziging ingaat.
4. De vakantie-uitkering wordt betaald zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld.