BWBR0008457
Geldig vanaf 1997-01-18
Artikel 2
Regeling nieuwe taken docenten en consulenten 1997
Het doel van deze regeling is het verlenen van aanspraak op aanvullende middelen aan:
1. de instellingen en de scholen. Deze middelen zijn bestemd om docenten in staat te stellen hun taken naar behoren uit te voeren, in het kader van: a. de invoering van maatwerk binnen de instelling en de school;
b. de invoering van de aan de instelling en de school toegewezen opleidingen van de kwalificatiestructuur; en
c. de introductie van gevarieerde leeromgevingen mede met behulp van nieuwe technologische mogelijkheden;
a. de invoering van maatwerk binnen de instelling en de school;
b. de invoering van de aan de instelling en de school toegewezen opleidingen van de kwalificatiestructuur; en
c. de introductie van gevarieerde leeromgevingen mede met behulp van nieuwe technologische mogelijkheden;
2. de landelijke organen. Deze middelen zijn bestemd om consulenten in staat te stellen hun taken naar behoren uit te voeren, in het kader van: a. de invoering van de kwalificatiestructuur beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 1.5.2, eerste en tweede lid, van de wet;
b. de in artikel 1.5.2, derde, vierde en vijfde lid, van de wet genoemde taken van de landelijke organen.
a. de invoering van de kwalificatiestructuur beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 1.5.2, eerste en tweede lid, van de wet;
b. de in artikel 1.5.2, derde, vierde en vijfde lid, van de wet genoemde taken van de landelijke organen.
1. de instellingen en de scholen. Deze middelen zijn bestemd om docenten in staat te stellen hun taken naar behoren uit te voeren, in het kader van: a. de invoering van maatwerk binnen de instelling en de school;
b. de invoering van de aan de instelling en de school toegewezen opleidingen van de kwalificatiestructuur; en
c. de introductie van gevarieerde leeromgevingen mede met behulp van nieuwe technologische mogelijkheden;
a. de invoering van maatwerk binnen de instelling en de school;
b. de invoering van de aan de instelling en de school toegewezen opleidingen van de kwalificatiestructuur; en
c. de introductie van gevarieerde leeromgevingen mede met behulp van nieuwe technologische mogelijkheden;
2. de landelijke organen. Deze middelen zijn bestemd om consulenten in staat te stellen hun taken naar behoren uit te voeren, in het kader van: a. de invoering van de kwalificatiestructuur beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 1.5.2, eerste en tweede lid, van de wet;
b. de in artikel 1.5.2, derde, vierde en vijfde lid, van de wet genoemde taken van de landelijke organen.
a. de invoering van de kwalificatiestructuur beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 1.5.2, eerste en tweede lid, van de wet;
b. de in artikel 1.5.2, derde, vierde en vijfde lid, van de wet genoemde taken van de landelijke organen.