BWBR0008365
Geldig vanaf 2019-04-17
Artikel 19f
Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren
1. Met de door Onze Minister onderscheidenlijk het gerechtsbestuur verschuldigde bezoldiging kan worden verrekend hetgeen de rechterlijk ambtenaar als zodanig aan hem zelf verschuldigd is.
2. Verrekening kan plaatshebben ondanks gelegd beslag of toegepaste korting als bedoeld in artikel 19g, eerste lid.
3. Verrekening is slechts in zoverre geldig als een beslag op die bezoldiging geldig zou zijn, met dien verstande dat verrekening van hetgeen wegens genoten huisvesting of voeding is verschuldigd eveneens kan plaatsvinden met dat deel van de bezoldiging dat de beslagvrije voet, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001827/artikel/475c" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering</a>vormt.
2. Verrekening kan plaatshebben ondanks gelegd beslag of toegepaste korting als bedoeld in artikel 19g, eerste lid.
3. Verrekening is slechts in zoverre geldig als een beslag op die bezoldiging geldig zou zijn, met dien verstande dat verrekening van hetgeen wegens genoten huisvesting of voeding is verschuldigd eveneens kan plaatsvinden met dat deel van de bezoldiging dat de beslagvrije voet, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001827/artikel/475c" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering</a>vormt.