BWBR0008231
Geldig vanaf 1998-08-01
Artikel 9
Wet tot gemeentelijke herindeling samenwerkingsgebieden Midden-Brabant, Breda en Westelijk Noord-Brabant en in een gedeelte van de samenwerkingsgebieden Zuidoost-Brabant en 's-Hertogenbosch
1. Ingevolge <a href="/wet/BWBR0003718/artikel/52" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 52, tweede lid, onder a, van de Wet algemene regels herindeling</a>worden tussentijdse raadsverkiezingen gehouden voor de nieuwe gemeenten die bij deze wet zijn ingesteld. Met de voorbereiding van de verkiezingen bedoeld in de eerste volzin worden de in bijlage 2 bij deze wet genoemde op te heffen gemeenten belast.
2. Indien de datum van herindeling valt binnen twee jaar voor de datum waarop reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>moeten worden gehouden, dan vinden deze verkiezingen niet plaats in de gemeenten die bij deze wet zijn ingesteld.
3. Indien de datum van herindeling valt binnen een jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>moeten worden gehouden, dan eindigt de zittingsperiode van de leden van de raden van de nieuwe gemeenten gelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van herindeling.
4. Ingevolge <a href="/wet/BWBR0003718/artikel/52" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 52, tweede lid, onder b, van de Wet algemene regels herindeling</a>worden in de gemeenten Goirle en Haaren tussentijdse raadsverkiezingen gehouden. Het tweede, derde vijfde, zesde en zevende lid zijn van overeenkomstige toepassing.
5. Indien de datum van herindeling valt tussen een en twee jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>moeten worden gehouden, dan treden de leden van de raden van de nieuwe gemeenten tegelijk af met ingang van dinsdag 13 april 1999.
6. Indien de situatie bedoeld in het vijfde lid zich voordoet, worden in 1999 in de nieuwe gemeenten op de uit de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>voortvloeiende datum verkiezingen voor de gemeenteraden gehouden. De stemming voor deze verkiezingen kan plaatsvinden in hetzelfde stemlokaal als de stemming voor de verkiezingen voor provinciale staten. De op grond van <a href="/wet/BWBR0004627/artikel/J_6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel J6 van de Kieswet</a>gegeven voorschriften zijn van overeenkomstige toepassing.
7. De zittingsperiode van de leden van de raden die zijn gekozen bij de in het zesde lid bedoelde verkiezingen eindigt tegelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van de herindeling.
2. Indien de datum van herindeling valt binnen twee jaar voor de datum waarop reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>moeten worden gehouden, dan vinden deze verkiezingen niet plaats in de gemeenten die bij deze wet zijn ingesteld.
3. Indien de datum van herindeling valt binnen een jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>moeten worden gehouden, dan eindigt de zittingsperiode van de leden van de raden van de nieuwe gemeenten gelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van herindeling.
4. Ingevolge <a href="/wet/BWBR0003718/artikel/52" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 52, tweede lid, onder b, van de Wet algemene regels herindeling</a>worden in de gemeenten Goirle en Haaren tussentijdse raadsverkiezingen gehouden. Het tweede, derde vijfde, zesde en zevende lid zijn van overeenkomstige toepassing.
5. Indien de datum van herindeling valt tussen een en twee jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>moeten worden gehouden, dan treden de leden van de raden van de nieuwe gemeenten tegelijk af met ingang van dinsdag 13 april 1999.
6. Indien de situatie bedoeld in het vijfde lid zich voordoet, worden in 1999 in de nieuwe gemeenten op de uit de <a href="/wet/BWBR0004627" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Kieswet</a>voortvloeiende datum verkiezingen voor de gemeenteraden gehouden. De stemming voor deze verkiezingen kan plaatsvinden in hetzelfde stemlokaal als de stemming voor de verkiezingen voor provinciale staten. De op grond van <a href="/wet/BWBR0004627/artikel/J_6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel J6 van de Kieswet</a>gegeven voorschriften zijn van overeenkomstige toepassing.
7. De zittingsperiode van de leden van de raden die zijn gekozen bij de in het zesde lid bedoelde verkiezingen eindigt tegelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van de herindeling.