BWBR0008228
Geldig vanaf 1996-12-04
Artikel 4
Regeling Nadeelcompensatie Betuweroute
1. De Minister volstaat met een vereenvoudigde behandeling van het verzoek indien het niet overeenkomstig het bepaalde in artikel 3is ingediend ofwel naar haar oordeel kennelijk ongegrond is.
2. Het besluit van de Minister om het verzoek niet in behandeling te nemen, danwel wegens kennelijke ongegrondheid af te wijzen, wordt aan de verzoeker bij aangetekende brief medegedeeld
a. binnen acht weken na ontvangst van het verzoek, danwel
b. binnen vier weken na ontvangst van de ingevolge artikel 3, vijfde lid, ingezonden ontbrekende gegevens of nadat de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.
3. De Minister kan de in het vorige lid genoemde termijn eenmaal met ten hoogste acht weken verlengen. De projectmanager stelt de verzoeker daarvan schriftelijk in kennis.
2. Het besluit van de Minister om het verzoek niet in behandeling te nemen, danwel wegens kennelijke ongegrondheid af te wijzen, wordt aan de verzoeker bij aangetekende brief medegedeeld
a. binnen acht weken na ontvangst van het verzoek, danwel
b. binnen vier weken na ontvangst van de ingevolge artikel 3, vijfde lid, ingezonden ontbrekende gegevens of nadat de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.
3. De Minister kan de in het vorige lid genoemde termijn eenmaal met ten hoogste acht weken verlengen. De projectmanager stelt de verzoeker daarvan schriftelijk in kennis.