1. Indien de aanvraag tot subsidievaststelling, bedoeld in artikel 12, wordt ingediend na de uiterste termijn voor indiening, wordt de subsidie met 1% per werkdag, tot een maximum van 25 dagen, lager vastgesteld.
2. Indien het aantal GVE dat in het tweede of in een volgend verplichtingenjaar op het landbouwbedrijf aanwezig is:
a. hoger is dan het aantal GVE dat overeenkomt met een rundveebezettingsgetal dan 2,00, doch niet meer dan 10%, of
b. lager is dan het aantal GVE dat overeenkomt met een rundveebezettingsgetal van 1,00, doch niet meer dan 10%,
vindt toepassing van
artikel 4:48, eerste lid, onderdeel b, of
artikel 4:49, eerste lid, onderdeel c, van de Algemene wet bestuursrechtslechts plaats met betrekking tot het betrokken verplichtingenjaar.