BWBR0008051
Geldig vanaf 1996-06-01
Artikel 3
Regeling eisen theorie-examen D
De aanvrager van het theorie-examen moet blijk geven kennis te bezitten van de hierna genoemde veiligheidsaspecten die van belang zijn bij deelneming aan het verkeer:
a. algemene regels voor de door een bestuurder te volgen gedragslijn bij ongevallen (plaatsen van gevarendriehoek, waarschuwingslichten) en maatregelen die hij kan nemen om hulp te verlenen aan verkeersslachtoffers;
b. de mechanische onderdelen die voor de rijveiligheid van belang zijn: in staat zijn de meest voorkomende defecten te ontdekken die zich met name kunnen voordoen aan stuurinrichting, ophanging, remming, banden, verlichting en richtingaanwijzers, snelheidsbegrenzer, reflectoren, achteruitkijkspiegels, ruitesproeiers en ruitewissers, uitlaat en veiligheidsgordels;
c. veiligheidsinrichtingen van de voertuigen, met name het gebruik van de veiligheidsgordels en veiligheidsvoorzieningen voor kinderen;
d. de beginselen van de werking van de remsystemen en de vertrager.
a. algemene regels voor de door een bestuurder te volgen gedragslijn bij ongevallen (plaatsen van gevarendriehoek, waarschuwingslichten) en maatregelen die hij kan nemen om hulp te verlenen aan verkeersslachtoffers;
b. de mechanische onderdelen die voor de rijveiligheid van belang zijn: in staat zijn de meest voorkomende defecten te ontdekken die zich met name kunnen voordoen aan stuurinrichting, ophanging, remming, banden, verlichting en richtingaanwijzers, snelheidsbegrenzer, reflectoren, achteruitkijkspiegels, ruitesproeiers en ruitewissers, uitlaat en veiligheidsgordels;
c. veiligheidsinrichtingen van de voertuigen, met name het gebruik van de veiligheidsgordels en veiligheidsvoorzieningen voor kinderen;
d. de beginselen van de werking van de remsystemen en de vertrager.