BWBR0008007
Geldig vanaf 1996-04-16
Artikel 5.5
Regeling dierlijke EG-premies
1. Onverminderd het bepaalde in verordening 2419/2001 moet de producent in de aanvraag vermelden of hij melk van ooien of zuivelprodukten van ooien verkoopt en onverminderd het bepaalde in artikel 5.3 volledig aangeven waar het schapenbestand zich gedurende de aanhoudperiode zal bevinden.
2. Onverminderd het bepaalde in verordening 2419/2001 vermeldt de producent in zijn aanvraag voor zover van toepassing: a. de gegevens ter identificatie van het inschaarbedrijf en de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode worden ingeschaard en de periode van inscharing;
b. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de huurder en het aantal verhuurde ooien dat hij laat houden;
c. het loondienstverband en de identiteit van de andere producent;
d. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de ingebruikgever van de gebouwen en de gronden alsmede de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode verblijven.
a. de gegevens ter identificatie van het inschaarbedrijf en de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode worden ingeschaard en de periode van inscharing;
b. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de huurder en het aantal verhuurde ooien dat hij laat houden;
c. het loondienstverband en de identiteit van de andere producent;
d. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de ingebruikgever van de gebouwen en de gronden alsmede de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode verblijven.
2. Onverminderd het bepaalde in verordening 2419/2001 vermeldt de producent in zijn aanvraag voor zover van toepassing: a. de gegevens ter identificatie van het inschaarbedrijf en de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode worden ingeschaard en de periode van inscharing;
b. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de huurder en het aantal verhuurde ooien dat hij laat houden;
c. het loondienstverband en de identiteit van de andere producent;
d. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de ingebruikgever van de gebouwen en de gronden alsmede de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode verblijven.
a. de gegevens ter identificatie van het inschaarbedrijf en de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode worden ingeschaard en de periode van inscharing;
b. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de huurder en het aantal verhuurde ooien dat hij laat houden;
c. het loondienstverband en de identiteit van de andere producent;
d. de gegevens ter identificatie van het bedrijf van de ingebruikgever van de gebouwen en de gronden alsmede de plaats waar de ooien gedurende de aanhoudperiode verblijven.