BWBR0007926
Geldig vanaf 1996-03-20
Artikel 6
Besluit stimulering ruimte voor economische activiteit
1. Er is een commissie die tot taak heeft Onze Minister te adviseren omtrent aanvragen op grond van dit besluit.
2. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste vier andere leden.
3. De voorzitter en de leden worden door Onze Minister voor een termijn van een jaar benoemd. Zij zijn te allen tijde opnieuw benoembaar.
4. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.
5. Een lid van de commissie neemt niet deel aan de voorbereiding en vaststelling van een advies, indien hij een persoonlijk belang heeft bij de beschikking op de aanvraag.
6. Onze Minister kan waarnemers aanwijzen, die het recht hebben de vergaderingen van de commissie bij te wonen.
7. In het secretariaat van de commissie wordt door Onze Minister voorzien.
8. Het beheer van de bescheiden betreffende de commissie geschiedt met inachtneming van het Besluit Algemene secretarie-aangelegenheden rijksadministratie, op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de commissie opgeborgen in het archief van dat ministerie.
2. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste vier andere leden.
3. De voorzitter en de leden worden door Onze Minister voor een termijn van een jaar benoemd. Zij zijn te allen tijde opnieuw benoembaar.
4. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.
5. Een lid van de commissie neemt niet deel aan de voorbereiding en vaststelling van een advies, indien hij een persoonlijk belang heeft bij de beschikking op de aanvraag.
6. Onze Minister kan waarnemers aanwijzen, die het recht hebben de vergaderingen van de commissie bij te wonen.
7. In het secretariaat van de commissie wordt door Onze Minister voorzien.
8. Het beheer van de bescheiden betreffende de commissie geschiedt met inachtneming van het Besluit Algemene secretarie-aangelegenheden rijksadministratie, op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de commissie opgeborgen in het archief van dat ministerie.