BWBR0007823
Geldig vanaf 1996-01-01
Artikel 14
Besluit inbeslaggenomen voorwerpen
1. Alvorens aan een verkregen machtiging tot het vernietigen, prijsgeven of bestemmen tot een ander doel dan het onderzoek uitvoering wordt gegeven, wordt de prijs geschat, die het betrokken voorwerp bij verkoop redelijkerwijs zou moeten opbrengen.
2. De schatting geschiedt door of namens de bewaarder. Indien aannemelijk is dat de waarde van het voorwerp meer bedraagt dan € 35.000 of indien de specifieke aard van het voorwerp daartoe aanleiding geeft, vraagt deze daartoe het oordeel van tenminste één persoon die geacht kan worden goed op de hoogte te zijn van de marktprijzen van dergelijke voorwerpen.
3. De geschatte prijs en het oordeel van de in het tweede lid bedoelde deskundige worden in een rapport aan de officier van justitie vermeld.
2. De schatting geschiedt door of namens de bewaarder. Indien aannemelijk is dat de waarde van het voorwerp meer bedraagt dan € 35.000 of indien de specifieke aard van het voorwerp daartoe aanleiding geeft, vraagt deze daartoe het oordeel van tenminste één persoon die geacht kan worden goed op de hoogte te zijn van de marktprijzen van dergelijke voorwerpen.
3. De geschatte prijs en het oordeel van de in het tweede lid bedoelde deskundige worden in een rapport aan de officier van justitie vermeld.