BWBR0007769
Geldig vanaf 1996-01-01
Artikel IV
Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (afschaffing verzekeraarsbudgettering)
1. Ten aanzien van de verschuldigdheid van nominale premie over periodes voorafgaande aan het tijdstip waarop deze wet in werking is getreden, blijft artikel 17 van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, zoals dat artikel voor dat tijdstip luidde, van toepassing met dien verstande dat, in afwijking van het derde lid van dat artikel, door een verzekerde wiens verzekering is aangevangen voor, doch wiens inschrijving ingevolge artikel 9 van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekostenheeft plaatsgevonden na het bedoelde tijdstip en door wie ingevolge deze wet niet langer nominale premie is verschuldigd, de nominale premie slechts is verschuldigd over een periode van ten hoogste zestig dagen voor het bedoelde tijdstip.
2. Indien de inschrijving van een verzekerde als bedoeld in het eerste lid heeft plaatsgevonden later dan zestig dagen na de aanvang van de verzekering, kan het ziekenfonds, de ziektekostenverzekeraar of het uitvoerend orgaan de nominale premie over de in het eerste lid bedoelde periode van ten hoogste zestig dagen verhogen. De verhoging bedraagt ten hoogste de nominale premie die bij het ziekenfonds, de ziektekostenverzekeraar of het uitvoerend orgaan op de dag voorafgaande aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet gold, op jaarbasis.
2. Indien de inschrijving van een verzekerde als bedoeld in het eerste lid heeft plaatsgevonden later dan zestig dagen na de aanvang van de verzekering, kan het ziekenfonds, de ziektekostenverzekeraar of het uitvoerend orgaan de nominale premie over de in het eerste lid bedoelde periode van ten hoogste zestig dagen verhogen. De verhoging bedraagt ten hoogste de nominale premie die bij het ziekenfonds, de ziektekostenverzekeraar of het uitvoerend orgaan op de dag voorafgaande aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet gold, op jaarbasis.