BWBR0007495
Geldig vanaf 2001-06-01
Artikel 2
Kaderbesluit rechtspositie VO
1. De algemene arbeidsduur bestaat uit de componenten werktijd en verlof.
2. De werktijd van de betrokkene die is benoemd in een normbetrekking bedraagt 1659 uur per jaar, aangevuld met 51 uur verlof, waarbij de gemiddelde weektaak op jaarbasis gelijk is aan 36,86 uur.
3. In afwijking van het tweede lid kan de algemene arbeidsduur van de betrokkene die is benoemd in een normbetrekking ten hoogste 1790 uur per jaar bedragen, waarbij het aantal uren verlof gelijk is aan die arbeidsduur verminderd met 1659 uur. De eerste volzin vindt slechts toepassing mits hieruit geen verdringing van ander personeel voortvloeit.
4. De verlofuren, bedoeld in het tweede en derde lid, kunnen ofwel in de vorm van een jaarverlof ofwel als meerjarig spaarverlof worden opgenomen.
2. De werktijd van de betrokkene die is benoemd in een normbetrekking bedraagt 1659 uur per jaar, aangevuld met 51 uur verlof, waarbij de gemiddelde weektaak op jaarbasis gelijk is aan 36,86 uur.
3. In afwijking van het tweede lid kan de algemene arbeidsduur van de betrokkene die is benoemd in een normbetrekking ten hoogste 1790 uur per jaar bedragen, waarbij het aantal uren verlof gelijk is aan die arbeidsduur verminderd met 1659 uur. De eerste volzin vindt slechts toepassing mits hieruit geen verdringing van ander personeel voortvloeit.
4. De verlofuren, bedoeld in het tweede en derde lid, kunnen ofwel in de vorm van een jaarverlof ofwel als meerjarig spaarverlof worden opgenomen.