BWBR0007371
Geldig vanaf 1995-05-04
Artikel 11
Subsidieregeling netwerk landelijke wandelpaden
1. Indien de subsidieontvanger vóór de afloop van de periode waarin de uit de overeenkomst, bedoeld in de artikelen 6en 7, voortvloeiende verplichtingen gelden, één of meer percelen waarop de overeenkomst betrekking heeft, verkoopt, verpacht of daarop een gebruiksrecht vestigt, kan de bedrijfsopvolger zich er tegenover de minister toe verbinden de verplichtingen voortvloeiend uit de subsidieverstrekking ten aanzien van de betrokken percelen verder na te komen.
2. Voor de toepassing van deze regeling wordt de bedrijfsopvolger die de in het eerste lid bedoelde verbintenis aangaat, vanaf het moment dat deze verbintenis is aangegaan, aangemerkt als de subsidieontvanger.
3. Artikel 2, tweede lid, en artikel 6, derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
4. Indien de bedrijfsopvolger de in het eerste lid bedoelde verbintenis niet aangaat, wordt de subsidie voor de betrokken percelen ingetrokken. De subsidie wordt naar evenredigheid van de resterende tijd van de verplichtingen ingetrokken indien:
a. de subsidieontvanger de op de betrokken percelen betrekking hebbende verplichtingen reeds drie jaren is nagekomen;
b. de subsidieontvanger zijn landbouwactiviteiten definitief beëindigt en
c. overname van deze verbintenis niet te verwezenlijken valt.
Artikel 12, tweede lid, en artikel 4:7 van de Algemene wet bestuursrechtzijn van overeenkomstige toepassing.
2. Voor de toepassing van deze regeling wordt de bedrijfsopvolger die de in het eerste lid bedoelde verbintenis aangaat, vanaf het moment dat deze verbintenis is aangegaan, aangemerkt als de subsidieontvanger.
3. Artikel 2, tweede lid, en artikel 6, derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
4. Indien de bedrijfsopvolger de in het eerste lid bedoelde verbintenis niet aangaat, wordt de subsidie voor de betrokken percelen ingetrokken. De subsidie wordt naar evenredigheid van de resterende tijd van de verplichtingen ingetrokken indien:
a. de subsidieontvanger de op de betrokken percelen betrekking hebbende verplichtingen reeds drie jaren is nagekomen;
b. de subsidieontvanger zijn landbouwactiviteiten definitief beëindigt en
c. overname van deze verbintenis niet te verwezenlijken valt.
Artikel 12, tweede lid, en artikel 4:7 van de Algemene wet bestuursrechtzijn van overeenkomstige toepassing.