BWBR0007126
Geldig vanaf 1995-01-01
Artikel LI
Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen
1. Een beslissing van de Sociale Verzekeringsraad op grond van artikel 8, eerste lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering, zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, geldt als een beslissing van het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming op grond van artikel 65, tweede lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen.
2. Een beslissing van de Sociale Verzekeringsraad op grond van artikel 8, tweede lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering, zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, geldt als een beslissing van het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming op grond van artikel 65, derde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen.
3. Een verzoek van een werkgever als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering, zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, dat is gedaan aan de Sociale Verzekeringsraad wordt aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 65, derde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen dat is gedaan aan het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming.
4. Bij civielrechtelijke en administratiefrechtelijke procedures met betrekking tot beslissingen van de Sociale Verzekeringsraad als bedoeld in het eerste en tweede lid, treedt het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming in de plaats van de Sociale Verzekeringsraad, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing van een gemachtigde.
2. Een beslissing van de Sociale Verzekeringsraad op grond van artikel 8, tweede lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering, zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, geldt als een beslissing van het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming op grond van artikel 65, derde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen.
3. Een verzoek van een werkgever als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering, zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, dat is gedaan aan de Sociale Verzekeringsraad wordt aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 65, derde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen dat is gedaan aan het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming.
4. Bij civielrechtelijke en administratiefrechtelijke procedures met betrekking tot beslissingen van de Sociale Verzekeringsraad als bedoeld in het eerste en tweede lid, treedt het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming in de plaats van de Sociale Verzekeringsraad, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing van een gemachtigde.