BWBR0006670
Geldig vanaf 1998-04-29
Artikel 10
Wet stimulering arbeidsdeelname minderheden
1. Indien blijkt dat een werkgever niet of niet volledig aan zijn verplichtingen op grond van deze wet heeft voldaan, doet een bij besluit van Onze Minister daartoe aangewezen ambtenaar hiervan schriftelijk mededeling aan de werkgever, aan de ondernemingsraad, het bij of krachtens de wet voor zijn onderneming ingestelde medezeggenschapsorgaan of de personeelsvertegenwoordiging, en aan de naar zijn oordeel in aanmerking komende organisaties van werkgevers en van werknemers, alsmede aan het Centrum voor werk en inkomen in het werkgebied waar de onderneming van de werkgever feitelijk is gevestigd. De mededeling aan de ondernemingsraad, de personeelsvertegenwoordiging of het medezeggenschapsorgaan, en aan het Centrum voor werk en inkomen, bevat geen gegevens waaruit de identiteit van de bij het toezicht betrokken werknemers kan worden afgeleid.
2. Artikel 9, tweede lid, is van toepassing op het besluit bedoeld in het eerste lid.
3. De mededeling, bedoeld in het eerste lid, ligt ter inzage bij het Centrum voor werk en inkomen waar op grond van deze wet een schriftelijk jaarverslag moet worden neergelegd.
2. Artikel 9, tweede lid, is van toepassing op het besluit bedoeld in het eerste lid.
3. De mededeling, bedoeld in het eerste lid, ligt ter inzage bij het Centrum voor werk en inkomen waar op grond van deze wet een schriftelijk jaarverslag moet worden neergelegd.